De hoveniers van de Kanaalweg

Op de Kanaalweg richting Sowetobrug (voorheen Paul Krugerbrug) zie je nog net voor je de tunnel onder de Weg der Verenigde Naties induikt aan je rechterhand twee identieke hovenierswoningen staan. Het zijn rijksmonumenten en gelukkig behouden van de sloop. Ze stammen uit 1900 en zijn gebouwd voor twee hoveniersgezinnen, Jongerius en De Rijk.

Dit deel van de wijk behoort tot 1954 bij de gemeente Oudenrijn. Na de annexatie bij de gemeente Utrecht wordt hier de buurt Welgelegen gebouwd. Voor die tijd bestaat dit gebied voor een groot deel uit tuinbouwgronden. Alleen langs het Merwedekanaal op de Kanaalweg en op de Leidseweg (destijds Rijksstraatweg) is er rond 1900 sprake van bebouwing.

Op 16 november 1898 koopt Cornelis de Rijk (1840 Utrecht-1903 Oudenrijn), hovenier uit Utrecht , een flinke lap grond van zeven hectare bestaande uit weidegronden en een bos, van eigenaar landbouwer Cornelis Oostveen voor een bedrag van 45787,95 gulden. In de koopacte wordt de grond omschreven als: Eenige perceelen weiland en een perceel bosch gelegen onder Oudenrhijn nabij het Merwedekanaal bij het kadaster bekend als Sectie B nummer 3 ,4, 5, 210, 211 en 212, alles tezamen groot 7 hectare, 4 aren en 43 centiaren. Zeven hectare is 70.000 m2. Oostveen verkoopt de grond aan De Rijk maar behoudt nog voor één jaar het recht van jacht op deze grond. Vóór de perceelen loopt een sloot en andere eigenaren van grond langs deze sloot, de heren Waltman, Diemont en Oostveen, behouden het recht van doorgang door de sloot.

Voorkant van de koopacte uit 1898, privé bezit Jan Verheul
De ondertekening van de koopacte door de verkoper C. Oostveen aan koper C. de Rijk, ten kantore van notaris H.F.A. Kaag. Koopacte is privébezit van Jan Verheul.

De aankoop behelst een gebied dat wordt begrensd door het Merwedekanaal, de huizen op de Leidseweg, de buitenplaats Welgelegen en wat nu zo’n beetje de Weg der Verenigde Naties is.

Op deze luchtfoto is een groot deel zichtbaar van de tuindersgronden met als grens de huizen op de Leidseweg en het Landgoed Welgelegen met het Hommelbos. Dit is nu de buurt Welgelegen. Er is nog geen Mozartbrug, die wordt in 1962 aangelegd als onderdeel van de bouwplannen voor Welgelegen.  Auteursrechthouder: Jan Verheul.
Luchtfoto van de tuinderijen linksboven. Linksonder De Munt. Rechts boven het Merwedekanaal ligt Park Oog in Al. De tuindersgronden lopen tot aan het Landgoed Welgelegen, 27 juni 1952. Auteursrechthouder: Jan Verheul

Cornelis de Rijk verdeelt de grond onder drie kinderen: dochter Johanna de Rijk (1876-1961), zoon Johannes de Rijk (1872-1957) en dochter Cornelia de Rijk (1871-1925). Zij laten hier in 1900 drie huizen bouwen. Dit zijn de twee hovenierswoningen zoals we ze nu nog kennen en één ietsje verderop die inmiddels is afgebroken. In de Jongerius (Jan Ford) familie worden ze de kleine huisjes genoemd, Jan Ford en zijn gezin wonen zelf in de grote Villa Jongerius. Het gaat bij de kleine huisjes om bakstenen huizen met een mooi omlopend sierwerk van in gele baksteen uitgevoerde zeshoeken. Op de voorgevel ruitvormig siermetselwerk. Het derde huis heeft een plat dak. Voor de huizen en parallel aan het Merwedekanaal loopt een sloot. Naast de sloot staat een prachtige rij bomen. Achter en naast de huizen liggen de tuinderijen.

De drie hoveniershuizen zijn omcirkeld. Naast en achter de huizen aan de Kanaalweg de hoveniersgronden. Luchtfoto 6 september 1950. Auteursrechthouder: Jan Verheul
Zicht op de sloot, de bomen, de Kanaalweg en het Merwedekanaal met de Muntbrug gezien van uit het huis Kanaalweg 1 1937. Auteursrechthouder: Jan Verheul

Johanna de Rijk trouwt 31 januari 1900 met Bastiaan Jongerius in Jutphaas en zij gaan in het eerste huis (huis 1) wonen op de Kanaalweg 1 (nu 79 en 80). Zij gaat voortaan door het leven als Johanna Jongerius-de Rijk. Haar broer Johannes de Rijk trouwt op precies dezelfde datum met Johanna Jongerius, de zus van Bastiaan Jongerius en zij gaan in het tweede huis (huis 2) wonen op nummer 3 (nu 81 en 82). De echtparen zijn dus wederzijds broer en zus van elkaar, trouwen op dezelfde dag en worden buren. Alle vier stammen ze uit twee echte Utrechtse hoveniersfamilies. Bastiaan en Johanna Jongerius komen uit de bekende familie Jongerius. Hun overgrootvader Bastiaan begon in de 18-e eeuw al als hovenier in Abstede. Hun grootvader Nicolaas was hovenier in de Ganssteeg 52. En de vader van Bastiaan en Johanna, Nicolaas Jongerius, was hovenier op de Croeselaan. Het beroep gaat van vader op zoon. En van moeder op dochter. Bastiaan en Johanna zijn het vierde en derde kind van de zes die Nicolaas Jongerius en Elisabeth Mechtilda Woudenberg krijgen. Jan Jongerius (Jan Ford) van de Bastiaanshof, de latere Villa Jongerius verderop langs het Merwedekanaal, de zoon van een andere Bastiaan Jongerius, is familie. Grootvader Nicolaas (van Bastiaan en Johanna uit huis 1), hovenier in de Ganssteeg, is een broer van Bastiaan, hovenier in Abstede; deze Bastiaan (bijnaam Jos de Sok) is de opa van Jan Ford (1888-1941). Ook De Rijk is een bekende naam in de hovenierswereld. Johanna Jongerius trouwt met Johannes de Rijk, zoon van Cornelis de Rijk (de koper van de grond aan de Kanaalweg) en Johanna Maria De Rijk (1839-1897) en wordt Johanna de Rijk-Jongerius. Zij wonen op de Kanaalweg 2 (nu 81 en 82) (huis 2).

In het derde huis (huis 3) Kanaalweg 3 woont Cornelia de Rijk en zij trouwt Johannes (Jan) Koot op 27 januari 1897. Cornelia is wat ouder dan haar zus en broer uit huis 1 en 2 en trouwt dan ook drie jaar eerder. Ook Koot is een bekend Utrechts hoveniersgeslacht. Jan Koot is een zoon van hovenier Cornelis Koot en Maria van Soestbergen en zes broers van Jan worden ook hovenier; zij trouwen bijna allen met een hoveniersdochter.

Nogmaals de drie hoveniershuizen maar nu wat dichterbij met daarachter de tuingronden goed zichtbaar en de kassen met de hoge schoorsteen. Luchtfoto 6 september 1950. Auteursrechthouder: Jan Verheul
Adresboek der Stad Utrecht 1940, Kanaalweg Oudenrijn. Kanaalweg 3 van Jan Koot is begin jaren ’30 verdeeld onder zijn kinderen Corrie Koot (getrouwd met Piet Stroes) en Antoon Koot (getrouwd met Kee van Herden)

De hoveniers in Utrecht vormen een gesloten gemeenschap. Er wordt meestal in eigen kring getrouwd waardoor je veel dezelfde familienamen tegen komt. Zoals Jongerius, de Rijk, Koot, Agterberg, Verheul, Goes, Stroes …. Om mensen uit elkaar te houden worden er vaak bijnamen gegeven. Zoals De Beer, De Sok, De Bril, De Bok of Kromneus. Kinderen stellen zich voor met ik ben er één van De Sok of De Beer. Er wordt in eigen kring getrouwd omdat alleen hovenierskinderen weten en begrijpen wat het zware hovenierswerk inhoudt. De vrouwen werken even hard mee op het land als de mannen ook al zijn ze hoogzwanger. Kinderen doen het lichtere werk zoals onkruid wieden maar helpen ook al van jongs af aan mee.

Pagina met hoveniers uit het Adresboek der Gemeente Utrecht 1930

Utrechtse hoveniersgezinnen zijn steevast katholiek of oud-katholiek en de gezinnen zijn groot. Door de week wordt er hard gewerkt en zijn het lange dagen maar op zon- en feestdagen gaan ze naar de kerk en bij familie koffie drinken. Het komt ook nog al eens voor dat kinderen in het klooster gaan of priester worden.

Zondagsrust bij de familie Jongerius Kanaalweg 1, 1933. Aan de zijkant van het huis met op de achtergrond het Merwedekanaal en de bebouwing aan de overkant. Met dahlia’s op de tafel uit eigen tuin. Op de foto: Bastiaan, Johanna en Gerarda Maria. Auteursrechthouder: Jan Verheul
En een potje tafeltennis op zondag achter het huis Kanaalweg 1 bij de keuken, 1935. Bastiaan Jongerius tegen neef Theo de Rijk uit huis 2 (op de rug). De zelfgemaakte tafeltennis staat op houten groenten kistjes. Auteursrechthouder: Jan Verheul.

Met het groeien van de stad verdwijnen er steeds meer hoveniers naar de randen van de stad. Er zijn van oudsher al veel hoveniersfamilies die ten westen van de stad de grond bewerken; daar waar nu wijken zoals Lombok, Oog in Al, Welgelegen, Dichterswijk en Kanaleneiland liggen. Het gebied ten westen van de stad behoort tot de oudste in cultuur gebrachte gebieden van Utrecht. Het is vruchtbare grond door de sedimenten van de Rijn die hier kronkelde. De grond is al eeuwenlang in gebruik als land- en tuinbouwgrond. Hier was ooit de Stadsweide, in de 13-e eeuw opgedeeld in een Hoge en een Lage Weide. Daarnaast liggen de polders Nieuw Welgelegen en Papendorp. In de 14-e eeuw wordt het gebied opgedeeld in kavels en verpacht. Later worden die kavels verkocht aan particulieren. Met de komst van het Merwedekanaal (1892) biedt het gebied weer nieuwe kansen voor het vestigen van industrieën.

Detail van kaart Utrecht en omgeving uit 1900. Twee hoveniershuizen langs het Merwedekanaal zijn omcirkeld. Oog in Al bestaat nog uit het landgoed met boomgaarden en uit weides. De Groenendijk wordt later de Everard Meijsterlaan. HUA 214046

De hoveniers verbouwen seizoensgebonden groenten en fruit voor lokaal gebruik. Voor en door Utrechters. De groenten worden direct op het land in de volle koude grond verbouwd of in platte kassen onder glas, platglas genoemd en later ook in ‘warme’ kassen de zogenaamde stookwarenhuizen. Je herkent ze aan de hoge schoorsteen naast de kassen.

De tuindersgronden met ”platglas” achter de hoveniershuizen. Rechts achter staan de huizen 1 en 2 aan de Kanaalweg en helemaal links met schoorsteen de Cartonnagefabriek van D. Miedema. Het pad voor paard en wagen en later de auto door het tuindersgebied is nu zo’n beetje de Ravellaan. Auteursrechthouder: Jan Verheul.

Het is zwaar werk, vooral in het zomerseizoen. Het werk gaat altijd door, van zonsopgang tot zonsondergang.  Al het werk gebeurt met de hand of met eenvoudige hulpmiddelen zoals een riek, hak of eg. De grond omspitten doe je met met een spa. Onkruid wieden op je knieën. Zo ook de groenten oogsten. Voor de bemesting van het land wordt er gebruik gemaakt van gier uit de eigen gierput of gier vanuit de stad, soms vermengd met paardenmest. De hovenier sjouwt zelf de gier naar zijn land met een juk om zijn schouders met aan elke kant een emmer. Later in de jaren ‘30 komt er kunstmest. Het water uit de sloot zorgt voor irrigatie.

De grond omspitten met een spa, het is zwaar werk. Hier wordt er gewerkt op de tuinderij van Verheul. Auteursrechthouder: Jan Verheul.

Er wordt alleen geld verdient als er wordt verkocht. De groenten en het fruit worden ‘s ochtends om 4.00 uur al gestoken en geplukt en naar de markt gebracht. De groenmarkt op het Jacobikerkhof bij de Jacobikerk komt al vroeg tot leven. In 1905 wordt de Vereeniging Groenten-en Vruchtenveiling Utrecht en Omstreeken opgericht. De eerste veilingen worden op het Vredenburg gehouden in de Fruithal en vanaf 1909 in een nieuw gebouw op het Paardenveld. Tot ook dit gebouw uit zijn voegen barst en de veel grotere veiling op de Croeselaan wordt geopend (1928) met een eigen veilinghaven.

Groenten- en fruitkarren voor de Fruithal op het Vredenburg rond 1900-1910, HUA 122939
Drukte aan de Rijnkade, losplaats voor de aanvoer van groenten voor de veiling op het Paardenveld per schuit of kar. Uit Utrecht in Woord en Beeld, 1928. HUA 54941
Groentenveiling Paardenveld met vooraan kisten uit Bunnik en Houten in de jaren ’20. HUA 40508
Groentenveiling Paardenveld jaren ’20 met vooraan kisten van C. de Groot uit Vleuten, jaren ’20 HUA 40507

Gangbare groenten die op de Utrechtse veiling op het Paardenveld in bijvoorbeeld het jaar 1915/1916 worden geveild zijn aardbeien, rhabarber, peulen, spinazie, postelein, aardappelen, asperges, snijbonen, slabonen, komkommer, doperwten, bloemkool, tomaten, rode bessen, druiven, kersen, andijvie, rode kool, witte kool, uien, handperen, stoofperen en zure appels.

Een kijkje binnen in het veilinggebouw aan het Paardenveld in de jaren ’20. HUA 40707

Van de hoveniers op de Kanaalweg weten we dat ze in ieder geval sla, harde (winter)spinazie, diverse koolsoorten, prei, andijvie, boerenkool, bonen, snijbonen, capucijners, erwten, tomaten, komkommers en bloemkolen verbouwen, appels, peren en later ook witlof, perziken en tabaksplanten.

De eerste perziken aangevoerd door Jan Jongerius van de Kanaalweg. UN 3 april 1951.

De aan en afvoer van de groenten en het fruit gaat in rieten manden en kisten per hondenkar, met paard en wagen, per schuit en later met de auto.

Hovenier Jongerius uit Abstede met paard en wagen met manden vol groenten op weg naar de veiling. Waarschijnlijk omgeving Notebomenlaan 1900-1920. HUA 821921
Kanaalweg 1 (Huis 1) Familie Jongerius-De Rijk

Hazereet en Opoe Keulsche Vaart

Bastiaan en Johanna Jongerius-de Rijk zijn 27 en 23 jaar oud als ze trouwen. Bastiaan heeft als bijnaam Hazereet. Zijn land grenst aan het bos en het land van bewoner Van den Broeke van de buitenplaats Welgelegen, waar nogal wat hazen en konijnen rondlopen. Bastiaan heeft daar last van op zijn grond want ze vreten de groentes aan. Met zijn geweer schiet hij een ‘’paar hazen in de reet’’, vandaar de bijnaam Hazereet.

Kanaalweg 1, huis van de familie Jongerius, met de lindebomen en het witte hek (gemaakt door de zonen Kees en Adriaan) aan de zijkant. Auteursrechthouder: Jan Verheul

In hun huis aan de Kanaalweg worden na hun huwelijk al snel kinderen geboren. Ze worden gedoopt in de R.K. Kerk van Oudenrijn (nu Metaalkathedraal aan de Rijksstraatweg richting de Meern).

R.K. Kerk (nu Metaalkathedraal) in Oudenrijn met de pastorie, de kerk en de kroeg.

Het eerste kind wordt in 1901 geboren en de laatste in 1919. In het totaal worden er dertien kinderen geboren, maar lang niet alle kinderen zullen overleven. Twee kinderen worden levenloos geboren. En vijf worden er niet oud. Zo wordt bijvoorbeeld het tweede kind Johannes maar 16 jaar oud. Of het vijfde kind, zoon Cornelis overlijdt al na zes maanden. Dochter Alberdina uit 1910 wordt slechts veertien jaar en zoon Theodores uit 1919 wordt maar tien maanden oud. Het gezin kent dus veel tegenslag.

Negen kinderen Jongerius op de Kanaalweg 1 met als tweede van rechts zittend: Cornelia Jongerius, de moeder van Jan Verheul. Auteursrechthouder: Jan Verheul.
De oudste vier kinderen Jongerius, helemaal links de oudste dochter Elisabeth (de grootmoeder van Hennie Verheul) en helemaal rechts Cornelia (de moeder van Jan Verheul). Auteursrechthouder: Jan Verheul

Kinderen die lang leven zijn onder andere zoon Johannes Antonius ‘’Jonge Jan’’ uit 1913 en de zussen Elisabeth Mathilda uit 1901 en Cornelia Johanna uit 1906. Ook zij trouwen op hun beurt weer met hovenierskinderen. Jan met Mechtelina van Kraaij en de zussen trouwen beiden een ‘Verheul’. Weer zo’n bekende hoveniersfamilie in Utrecht. De oudste dochter Elisabeth (1901) trouwt met Hendricus Cornelis (Hein) Verheul, hovenier aan de Helling. Zij krijgen zeventien kinderen. De oudste is Jan Verheul (1924). Deze trouwt op zijn beurt met Mien Miltenburg, een hoveniersdochter. Samen krijgen ze elf kinderen. De oudste is Hennie (1950).

Dochter Cornelia Jongerius trouwt met Cornelis Anthonius (Kees) Verheul (1905) hovenier op de Laan van Soestbergen. Er komen vier kinderen: Jan, Annie, Bas en Ria. De oudste, Jan Verheul (1931), zoon van Cornelia en Kees, herinnert zich nog veel van zijn bezoekjes aan zijn opa en oma (bijgenaamd Opoe Keulsche Vaart) op de Kanaalweg. ‘Keulsche Vaart’ omdat dit deel van het Merwedekanaal daarvoor Keulsche Vaart is. In de volksmond wordt er tot aan de 2e wereldoorlog nog vaak over Keulsche Vaart gesproken in plaats van over Merwedekanaal. Jan woont met zijn ouders, broer en twee zusjes op Het Laantje (Laan van Soestbergen) midden in het tuindersgebied op de plek van de huidige wijk Tolsteeg, achter de Watertoren en het huidige Tivoli De Helling. Zijn vader en moeder zijn in 1930 getrouwd. Vader Verheul komt ook uit een katholieke hoveniersfamilie. Hij bezit her en der verspreid stukken landbouwgrond en een boomgaard. Vanuit het woonhuis van Kees Verheul en Cornelia Jongerius (geboren op de Kanaalweg 1) kan je zelfs de Domtoren zien. Het is een ruim maar steenkoud en tochtig huis.

Kees Verheul en Cornelia Jongerius (geboren op de Kanaalweg 1), de ouders van Jan Verheul, voor hun huis op de Laan van Soestbergen in 1955. Auteursrechthouder: Jan Verheul

Kleinzoon Jan Verheul weet nog goed dat hij met zijn ouders en zusje Annie elke zondag om de veertien dagen vanaf de Laan van Soestbergen naar zijn opa Bastiaan Jongerius en oma Johanna Jongerius-De Rijk loopt. Een wandeling van zeker een uur. Later gaan ze op de fiets. Jan: De tuinders hadden samen circa zeven hectare grond en er waren diverse kassen. De grond grensde aan de cartonnagefabriek Miedema en de tennisbanen van Wasserij De Rijk.(…) En waar nu de Ravellaan is, was een groot pad voor paard en wagen en later de auto. (…) Wij zelf woonden op een eenvoudig ‘boerenlaantje’ en vonden het als kinderen fantastisch daar aan de Kanaalweg met het prachtige wijdse uitzicht over het kanaal naar de Muntkade, de Rijksmunt en de Muntbrug. Geleund tegen de vensterbanken aan de voorzijde keken we urenlang naar de weinige voorbij rijdende auto’s. Als dan de donkere Amerikaanse limousine van autofabrikant Jan Jongerius (‘Jan Ford’ of ook wel ‘Jan de Sok’ genoemd) langskwam, waren we helemaal opgetogen. Ook genoten wij van de boten en schepen in het water. Het was voor ons altijd feest om bij opoe ‘Keulse Vaart’ te zijn. Het Merwedekanaal wordt in die tijd druk bevaren. Daarom staat de Muntbrug vaak open. Er is dan ook veel te zien en te beleven voor de kleine Jan.

De brug en de sluizen in ”de Keulsche Vaart” staan vaak open, 1926. HUA 64052
Drukte op het Merwedekanaal (Keulsche Vaart) 1927. HUA 64053

Tijdens de oorlog loopt Jan een keer verder weg achter het huis dan is toegestaan. Eigenlijk mag hij maar tot het schuurtje maar hij komt helemaal uit waar nu ongeveer het 24 Oktoberplein is en ziet tot zijn grote verbazing een Duits afweergeschut staan. Gauw rent hij terug naar het huis van zijn grootouders en spreekt er met niemand over.

Kleine Jan rond 1936 op bezoek bij Opoe Keulsche Vaart, Kanaalweg 1. Foto bij het witte hek aan de zijkant van het huis. Op de achtergrond het Merwedekanaal met vaartuig. Auteursrechthouder: Jan Verheul
Pad op de tuinderij achter de hoveniershuizen op de Kanaalweg met houten schuur, 1938. Auteursrechthouder: Jan Verheul

Jan herinnert zich dat zijn oma Johanna Jongerius-De Rijk, altijd voor dag en dauw met de hondenkar naar de markt ging op het Jacobikerkhof. En later 3 keer per week naar de veiling. Dat waren zware dagen. Jan: Mijn oma was meer een landwerkster dan mijn opa. Opa was meer van de dieren. Ook het spinazie snijden weet hij zich nog goed voor de geest te halen, dan lagen ze weer op de spinaat. Jan: De winterspinazie was een goede bron van inkomsten, daar deze al voorshands was verkocht aan Amsterdamse groentehandelaren die de oogst per boot kwamen ophalen. Maar de teelt vereiste veel arbeid en zorg, waarvoor menig familielid werd ingezet. Vooral het wieden van onkruid was een moeizaam en langdurig werk. Kruipen over het gewas tijdens het koude weer was niet aangenaam. Dan zei men in hovenierstaal: hij of zij ligt op de spinaat….

Winterspinazie snijden op het land van de families Jongerius, de Rijk en Koot. De hoveniershuizen staan op de achtergrond met links huis 3, met het platte dak. Hier liggen ”op de spinaat”: op de voorgrond van links naar rechts: Jan de Rijk senior, Anton Houweers, Antoon Koot en Jan de Rijk junior. Op de tweede rij: Jan Jongerius (jonge Jan) en Corrie Stroes-Koot. Boven geheel rechts: Bastiaan Jongerius. Deze foto is in de jaren ’20 in scene gezet en gepubliceerd in het Gedenkboek Vereeniging Groenten en Vruchtenveiling ”Utrecht en Omstreeken” 1905-1928. Auteursrechthouder: Jan Verheul

En dan de bloemkolen. Jan: Oh die bloemkolen. Ik was er toch al niet dol op maar we kregen altijd de voor de veiling afgekeurde bloemkolen mee naar huis….De kisten waar de bloemkolen in zaten waren heel zwaar. Ook herinnert Jan zich het bassin bij de sloot om de groente te wassen en de appels en de peren. Dit was door mijn oom Kees, die broeder bij de Witte Paters is geworden, aangelegd.

Bastiaan Jongerius en Johanna Jongerius-de Rijk in de kas met tomaten achter de huizen op de Kanaalweg, Oudenrijn. Auteursrechthouder: Jan Verheul
Huis 1 Familie Jongerius aan de zijkant van het huis bij het witte hek met links het Merwedekanaal en op de achtergrond de kersenboomgaard. Foto gemaakt bij het afscheid van zoon Kees Jongerius die naar Algiers vertrekt om in te treden bij de Witte Paters, voorjaar 1935. Met op de bovenste rij van links naar rechts: Hein Verheul (de man van Elisabeth de oudste dochter), zijn broer Kees Verheul (de man van dochter Cornelia), Kees Jongerius (de Witte Pater) en Nicolaas Jongerius. Op de tweede rij van links naar rechts: Jan Jongerius (jonge Jan), Cornelia Jongerius (vrouw van Kees en moeder van Jan Verheul), Elisabeth Jongerius (vrouw van Hein en oma van Hennie Verheul), Adriaan Jongerius, Gerarda Maria, Joop, Bastiaan Jongerius. Vooraan zittend: Bastiaan Jongerius (Hazereet) en Johanna Jongerius -de Rijk (Opoe Keulsche Vaart). Auteursrechthouder: Jan Verheul
Kaart van zoon Kees Jongerius vanuit Marseille op weg naar Algiers naar zijn ouders, broers en zussen, oktober 1935. Auteursrechthouder: Jan Verheul

Naast huis 1 komt een draaibaar TBC-huisje in de tuin te staan voor de oom van Jan Verheul, de broer van zijn moeder, Sebastiaan Jongerius (1906-1976). Oom Sebastiaan ligt veel op bed en heeft daar kleine Jan de spelregels van het schaakspel geleerd. TBC is een veel voorkomende ziekte in die tijd en was toen slecht te behandelen. Het kleine houten huisje kan meedraaien met de zon en is goedkoper om in te kuren dan in een sanatorium. Het huisje heeft veel glas en openslaande deuren voor de frisse lucht. De wijkzuster komt één keer per dag langs voor verpleging. Bewoners uit die tijd herinneren zich dit huisje nog van hun wandelingen langs de Kanaalweg.

Het TBC huisje voor Bastiaan Jongerius aan de zijkant van het huis op de Kanaalweg 1. Auteursrechthouder: Jan Verheul
Accordeon spelen bij het TBC huisje ca 1937. Auteursrechthouder: Jan Verheul

Drie zonen van Bastiaan en Johanna op de Kanaalweg worden ook hovenier.

Voor huis 1, Kanaalweg 1 met rechts de sloot. Van links naar rechts: Jan Jongerius (jonge Jan), Vader Bastiaan Jongerius, ….. , Adriaan Jongerius en Bastiaan Jongerius. Allemaal netjes in het pak. Auteursrechthouder: Jan Verheul.
Twee zonen voor het huis bij de sloot, links Adriaan Jongerius, rechts Bastiaan Jongerius. Auteursrechthouder: Jan Verheul
Adriaan Jongerius (rechts) bij de platkassen op de tuindersgronden achter de huizen op de Kanaalweg. Rechtsonder ligt het riet om het glas aftedekken bij kou, 1933 Auteursrechthouder: Jan Verheul

Zoon Nicolaas (1904) wordt tuinder op de Alendorperweg, richting Vleuten. Adriaan (1915) idem dito en J. A. Jongerius (Jan) 1913 (bijnaam de Jonge) blijft op de Kanaalweg wonen. Jan trouwt in 1942 met Mechtelina (Til) van Kraaij en het huis wordt voortaan gesplitst. De ouders wonen achter op 1b en de zoon voor op 1a. Zoon Jan en zijn vrouw Til krijgen hier negen kinderen. Jan start met de kwekerij en plantenhandel Groentenlust voor Heeren Volkstuinders. Bij Groentenlust kunnen ze onder meer terecht voor tuinbonen, capucijners, erwten en slaplanten.

Kweekerij Groentenlust van Jan Jongerius (jonge Jan) Utrechtsche Courant 22 maart 1943

In de jaren ‘50 begint Jan Jongerius hier een grote witlofkwekerij met een wasserij waar de witlof gewassen wordt. De witlof wordt verhandeld op de veiling op de Croeselaan.

Witlof veilen in het veilinggebouw voor Groenten- en Vruchten aan de Croeselaan. Foto Utrechts Persbureau, 1939. HUA 75604

Hennie Verheul (1950) (kleinzoon van de oudste dochter van Bastiaan en Johanna, Elisabeth en zoon van Jan Verheul (1924) hovenier) herinnert zich ‘oom’ Jan en tante Til nog goed. Hij ging er vaak op bezoek met zijn vader. Hennie: dan gingen we koffie drinken bij oom Jan en tante Til en kreeg ik altijd een snoepje. Tante Til was erg lief. Hennie is onder de indruk van de hoge schoorsteen bij de kassen op de tuinderij.

Kassencomplex met hoge schoorsteen, het zgn stookwarenhuis op de tuingronden achter de huizen op de Kanaalweg, 1933. Auteursrechthouder: Jan Verheul

En over de witlof weet Hennie nog dat Ome Jan als één van de eersten in Midden Nederland begonnen is met het telen van witlof en dat hij daar later ook nog mee is doorgegaan bij zijn verhuizing naar Vleuten. Ook de vader van Hennie, Jan Verheul, kweekt op zijn eigen tuinderij in Vleuten witlof. Hennie: Dan ging mijn vader in augustus naar Zeeland om witlofwortels in te kopen. Dan haalden ze alle lof eraf en werd het in vrachtwagens naar Vleuten vervoerd. Daar lagen dan bergen wortels van de witlof. Die moesten allemaal in de grond worden gestoken zoals asperges, met stro erop. Oom Jan komt na de annexatie vlak bij ons wonen in Vleuten.

In de oorlog duikt de vader van Hennie, Jan Verheul,  bij aanvang van de oorlog 16 jaar, onder bij Oom Jan in het huis op de Kanaalweg nummer 1. Hij moet onderduiken omdat hij verzetskranten heeft gedrukt en verspreid. Jan helpt mee op het land van Jan Jongerius en melkt de koeien om half 5 ‘s morgens. Op een dag zoekt hij de twee koeien op het land van de familie Jongerius omdat het melktijd is en hij vindt ze in een  bosje op de hoogte van waar nu ongeveer de fly-over is op het 24 Oktoberplein. Maar de Duitsers die daar vlakbij zitten krijgen hem in de gaten. Jan gaat er snel vandoor en vlucht via de weilanden en de boomgaarden naar de Ford garage (nu villa Jongerius) van zijn familie. Hier speelde hij vroeger al veel als kind en dit is voor hem een vertrouwd adres. Helaas volgen de Duitsers Jan op zijn vlucht en wordt hij onder vuur genomen. Jan duikt in het water voor de villa en houdt dat lang vol, zolang zelfs dat de Duitsers uiteindelijk afdruipen.

Na de oorlog werkt Jan Verheul (de vader van Hennie) zes jaar samen met Jan Jongerius op de tuinderijen achter het huis op de plek van de huidige Ravellaan. Zoon Hennie mag vaak mee in de weekenden en vakanties. Hennie: en dan aten we tussen de middag onze boterhammen met koffie zittend op een kistje. Hennie komt later nog te werken bij de dienst Openbare Werken in het ROVU gebouw (nu De Ravel met restaurant Kantien) op dezelfde plek! Hennie is de eerste in de familie die niet voor het vak van hovenier kiest. Hij breekt als oudste zoon met een generaties lange traditie. Hennie’s vader, Jan Verheul, wordt daar door de familie op aan gesproken. Eigenlijk wilde vader Jan Verheul zelf ook geen tuinder worden en net als zijn Oom Kees bij de Witte Paters gaan. Hij gaat zelfs vier jaar naar het seminarie maar kiest er uiteindelijk toch voor om zijn ouders te gaan helpen op de tuinderij aan de Helling. De oudste zoon van Hennie (1950) en zijn vrouw Leny, Martijn Verheul (1975) woont tot aan zijn dood in 2016 in de Boleroflat in de buurt Welgelegen op de oude tuingronden en is daar actief in de BBW en in de Wijkraad Utrecht-West. Zo hebben de oudste dochter van Sebastiaan en Johanna uit huis 1, Elisabeth (1901), haar zoon Jan Verheul (1924), kleinzoon Hennie (1950) en achterkleinzoon Martijn (1975) een bijzondere band met de hovenierswoningen en de vroegere tuinderij.

In 1950 is het groot feest, Bastiaan en Johanna zijn vijftig jaar getrouwd. Dit wordt met alle kinderen en kleinkinderen in Hotel Restaurant Noord-Brabant op het Vredenburg gevierd en het hele gezelschap poseert daar voor de fotograaf.

Bastiaan Jongerius en Johanna Jongerius-de Rijk vijftig jaar getrouwd. Op de foto met alle kinderen en kleinkinderen in Restaurant Noord-Brabant op het Vredenburg, januari 1950. Met op de bovenste rij vijfde van links met kind op de arm: Jan Jongerius (jonge Jan) en helemaal rechts Jan Verheul en Mien Miltenburg de ouders van Hennie Verheul. Op de middelste rij naast het bruidspaar rechts dochter Cornelia, de moeder van Jan Verheul. Auteursrechthouder: Jan Verheul
Statieportret van het gouden bruidspaar temidden van de bloemenmanden en vaandels met 50 erop. Auteursrechthouder: Jan Verheul

In 1954 wordt Oudenrijn bij de gemeente Utrecht ingelijfd en worden de hoveniers uitgekocht. In 1955 overlijdt Bastiaan Jongerius (Hazereet) op 82 jarige leeftijd en in 1961 Johanna, zij is dan 85 jaar.

Opoe Keulsche Vaart, Johanna Jongerius-De Rijk, in de deuropening van haar huis op de Kanaalweg 79 (huis 1) in 1955. Haar man Bastiaan is dan al overleden. Auteursrechthouder: Jan Verheul

Zoon Jan en zijn vrouw Til vertrekken na de annexatie met de kinderen naar de Utrechtseweg 64 in Vleuten en starten daar opnieuw een hoveniersbedrijf.

Jan Jongerius verhuist naar Vleuten, UN 28 maart 1957
Kanaalweg 2 (Huis 2) Familie De Rijk-Jongerius.

Ook Johannes (Jan) de Rijk (senior) en Johanna Jongerius, Kanaalweg 2 (nu nummer 81 en 82) trouwen 31 januari 1900 op die koude winter dag. Zij krijgen elf kinderen. Ook hier wordt, net als in huis 1, het eerste kind, Johanna Maria, in 1901 geboren. En ook hier overleven lang niet alle kinderen. Zeker vier van hen sterven direct na de geboorte of kort daarna. Zoon Johannes (Jan) de Rijk (junior) de jongste, uit 1912 neemt later het bedrijf van zijn ouders over en blijft bij zijn ouders wonen op de Kanaalweg. Een dochter van Jan senior  en Johanna, Elisabeth Mathilda de Rijk (1907) trouwt in 1930 in Utrecht met Albertus Hendricus Verheul, hovenier aan de Laan van Soestbergen. Ze krijgen dertien kinderen. Dochter Cornelia Maria de Rijk (1903) trouwt met Bernardus Johannes Jongerius in 1925 in Oudenrijn en krijgt zes kinderen. Zoon Nicolaas (Nico) de Rijk (1909-1978), kweker aan de Wilhelminalaan, trouwt Alida van Hees in 1937 en krijgt acht kinderen. En er zijn nog meer zonen De Rijk, Adriaan (1913), Theo en Jos.

Hoveniers bij de kassen achter de huizen aan de Kanaalweg. Tweede van links is Jan de Rijk senior met pijp. Helemaal rechts staat Jan de Rijk junior. Rechtsonder met hoed is Piet Stroes uit huis 3. De anderen zijn tuinknechten. Auteursrechthouder: Jan Verheul
Bij de kassen, in het midden Theo de Rijk uit huis 2 en rechts Bastiaan Jongerius uit huis 1 met zijn duim in het verband, 1933. Auteursrechthouder: Jan Verheul
Voor huis 2 van Familie de Rijk Kanaalweg 2, ca 1936. Van links naar rechts: Bertha de Rijk, Ko de Rooy, Johanna Jongerius, Theo de Rijk, Jan Jongerius (jonge Jan), Jos de Rijk en Jan de Rijk junior. De foto is gemaakt door Grada de Rijk. Auteursrechthouder: Jan Verheul
Familie de Rijk-Jongerius Kanaalweg 2 achter het huis, 1947. Met rechts vooraan: Johanna en Jan de Rijk senior. Auteursrechthouder: Jan Verheul
De tuindersgrond van Jongerius, De Rijk en Koot achter de hoveniershuizen. Auteursrechthouder: Jan Verheul.

Ook in huis 2 is het op 31 januari 1950 groot feest in verband met het vijftig jarig huwelijk. Jan senior en Johanna de Rijk-Jongerius vieren het tegelijk met het andere gouden bruidspaar in Hotel Restaurant Noord-Brabant en gaan met de eigen kinderen en kleinkinderen op de foto.

Het gouden bruidspaar Jan de Rijk en Johanna de Rijk-Jongerius met kinderen en kleinkinderen in Restaurant Noord-Brabant op het Vredenburg, januari 1950. Auteursrechthouder: Jan Verheul

De pers krijgt lucht van deze bijzondere viering van de twee echtparen, die familie van elkaar zijn, op dezelfde dag getrouwd en al 50 jaar buren zijn. Ze willen graag langskomen voor een reportage met foto’s maar daar willen beide echtparen niets van weten, nog voor geen duizend gulden!

UN 6 januari 1950

Een jaar later overlijdt Johanna op 77-jarige leeftijd. Zoon Jan de Rijk vertrekt na de annexatie van de gemeente Oudenrijn in 1954 met zijn vrouw Gedule naar Ens in de Noord Oostpolder en wordt daar één van de eerste tuinders. Vader Johannes de Rijk overlijdt in 1957 op 85-jarige leeftijd.

Kanaalweg 3 (Huis 3) Familie Koot-De Rijk

Jan Koot en Cornelia Koot-de Rijk voor hun huis op de Kanaalweg 3 in 1920. Auteursrechthouder: Ruud van Boom

Naast huis 1 en 2 staat er vanaf het begin van de 20-e eeuw een vergelijkbaar hoveniershuis (met plat dak) aan de Kanaalweg (huis 3) dat midden jaren ’60 is afgebroken. Voor dit huis aan de Kanaalweg 3 ligt een bruggetje over de sloot. Ook de bewoners van huis 1 en 2 moeten van dit bruggetje gebruik maken om bij hun huis te komen.

Dit huis en de tuinderijen erachter zijn eigendom van Cornelia de Rijk en Johannes (Jan) Koot. Ze krijgen elf kinderen waaronder Cornelia Maria (Corrie) geboren in 1909 en Antonius Johannes (Antoon). Lang niet alle kinderen worden oud. Ook moeder Cornelia Koot-De Rijk overlijdt al op 53- jarige leeftijd in 1925. Jan Koot staat er vanaf dat moment alleen voor maar gelukkig woont er familie naast hem en in de buurt. Het land bewerkt hij samen met de buren-hoveniers en met zijn kinderen.

Voor de bemesting maakt Jan Koot in de jaren ´20 regelmatig gebruik van het mest van de paarden van de kazernes in de buurt. Die mest wordt bij opbod verkocht. Koot schrijft zich hier voor in en het weghalen van de mest wordt hem met regelmaat gegund. Ook buurman Bastiaan Jongerius gaat er soms met de mest vandoor.

UN 10 maart 1923

Jan Koot is naast zijn werk actief in de katholieke St. Antoniuskerk in de Kanaalstraat. Hij heeft voor dit werk zelfs de pauselijke onderscheiding Pro Ecclesia et Pontifici ontvangen. Ook zit hij in het bestuur van de Groenten en Vruchtenveiling Utrecht en Omstreken, opgericht in 1905. Namens dit bestuur neemt hij in 1931 zitting in het Comité voor Groentendistributie. Dit comité ziet er op toe dat overgebleven groenten van de veiling eerlijk worden verdeeld onder de werklozen. Dit is een initiatief van de R.K. Vrouwenbond die erachter kwam dat de overgebleven groenten op de mestvaalt terecht kwamen. De Vrouwenbond ontwikkelt een kaartsysteem voor eerlijke verdeling en gaat ook zelf groenten inmaken zodat de groenten langer houdbaar zijn. Het gaat soms wel om 300 kisten met groenten die doordraaien.

Jan Koot Kanaalweg 3 zit in het bestuur van de Groentenveiling, bovenste rij helemaal rechts. De genoemde B. Jongerius is een andere dan de Bastiaan Jongerius uit huis 1. Pagina 15 uit het Gedenkboek van de Vereeniging Groenten-en Vruchtenveiling Utrecht en Omstreeken 1905-1928, Utrecht 1928

In 1931 krijgt huize Koot een rijkstelefoonaansluiting, ze zijn voortaan bereikbaar op nummer 12147.

J. Koot Rijkstelefoon, UN 20 januari 1931
De familie Koot-De Rijk viert feest. Met op de bovenste rij het eerste echtpaar: Bastiaan en Johanna Jongerius-De Rijk uit huis 1, daarnaast Johanna en Jan de Rijk-Jongerius uit huis 2 en tweede en derde van rechts Corrie Koot en Piet Stroes uit huis 3. Tweede rij: derde en vierde van rechts Kee en Antoon Koot uit huis 3. En op de onderste rij derde van links Jan Koot op latere leeftijd, de oorspronkelijke bewoner uit huis 3. Auteursrechthouder : Ruud van Boom.

In de jaren ’30 verdeelt Jan Koot de grond en het huis onder zijn kinderen Antoon en Corrie Koot. Antoon trouwt in februari 1930 met C. J. (Kee) van Herden (tuindersdochter uit Hooggraven) en Corrie trouwt met Piet Stroes in 1931. Broer Gerard Stroes en de zwager van Corrie zijn getuigen. Piet Stroes is afkomstig uit het tuindersgeslacht Stroes van de Koningsweg. Zijn ouders zijn Wilhelmus Stroes, hovenier en Johanna Knotsenburg.

De twee echtparen op één foto. Boven: Corrie Stroes-Koot en Piet Stroes en onder: Kee Koot-van Herden en Antoon Koot van de Kanaalweg 3

Twee hoveniersfamilies dus onder één kap, de familie Stroes-Koot op Kanaalweg 3a en de familie Koot-van Herden op 3b. Het echtpaar Stroes blijft kinderloos, bij de familie Koot worden acht kinderen geboren.

UN 15 januari 1931, in één bericht: bij Antoon en Kee is er een dochter geboren en Piet en Corrie zijn ondertrouwd.
Antoon Koot met bolhoed (rechts) in de kassen achter huis 3, 1937. Links is Bertus Jong van ”De Bok”. Auteursrechthouder: Jan Verheul

Pleegzoon Ruud van Boom komt als tweejarig kind in 1942-1943 bij het echtpaar Stroes in huis. Ruud’s vader is in de oorlog opgepakt wegens het clandestien slachten van een varken. Terwijl hij het vlees in een kinderwagen naar het klooster brengt voor de nonnen, is hij aangehouden. Vader Van Boom komt terecht in het Oranje Hotel in Scheveningen en vandaar in een werkkamp alwaar hij wegens vluchtpoging met nog twee kameraden wordt gepakt en ter dood veroordeeld. Omdat hij nét een foto van thuis van vrouw en kinderen op zak heeft, strijkt er een Duitser over zijn hart en wordt de vader van Ruud gespaard. Maar dit hoort Ruud allemaal pas na de oorlog. Omdat zijn moeder met tien kinderen achterblijft worden de kinderen verdeeld onder pleeggezinnen. Pater Lampe regelt de contacten en zo komt Ruud bij de katholieke Piet Stroes en zijn vrouw Corrie Koot terecht. Ook nemen zij de al wat oudere Corrie Koot in huis, een nichtje van Corrie Stroes-Koot en zo wordt zij het pleegzusje van Ruud. Ruud en Corrie trekken veel samen op.

Pleegzoon Ruud (vooraan) tussen de tomaten met Piet Stroes, Corrie Stroes-Koot (links) en pleegzus Corrie (rechts). Auteursrechthouder: Ruud van Boom
Achter het huis op de Kanaalweg 3 bij de kippenren. Corrie Stroes-Koot, Ruud van Boom, Piet Stroes en pleegzus Corrie Koot. Auteursrechthouder: Ruud van Boom

Het wordt trouwens een drukke boel in huize Stroes tijdens de oorlog want ook het gezin van Jan Koot, de broer van Corrie Koot, vindt hier onderdak na de bombardementen op Arnhem in februari 1944. In datzelfde jaar wordt op 4 november de fabriek van Jan Jongerius (Jan Ford) verderop op de Kanaalweg in Jutphaas door de geallieerden gebombardeerd. Ruud: Ik liep met mijn pleegmoeder buiten op het land en de bommenwerpers vlogen recht boven ons langs. Mijn pleegmoeder wilde vluchten en schuilen…….en wel in de schuur…..Achteraf denk je dan, dat zal niet veel geholpen hebben bij een bombardement… Ook weet Ruud nog goed dat er aan het eind van de oorlog voedselpakketten worden gedropt op een groot weiland van boer Verbeek, op de plek waar nu zo’n beetje de Weg van de Verenigde Naties loopt, vlak naast de hovenierswoningen. Ruud: Op het weiland vlakbij de grens van de tuinderijen en vlakbij ons huis vielen er grote witte zakken meel uit de lucht. En wij maar schreeuwen en juichen!

Piet Stroes Kanaalweg 3 bij de kassen, ”het platglas”. Auteursrechthouder: Ruud van Boom

In de oorlog is er tekort aan alles, ook aan groenten. De gemeente Utrecht wil daarom teeltcontracten sluiten met de landbouwers en tuinders in de omliggende gemeenten. Utrecht neemt tegen bepaalde prijzen groenten af en de tuinders kunnen daarvoor extra kunstmest krijgen. Voor nadere inlichtingen en voor het afsluiten van de teeltcontracten kan men in Oudenrijn terecht bij Piet Stroes, Kanaalweg 5. Zelf adverteert Stroes in 1944 met tabaksplanten en alle soorten groenteplanten.

UN 15 juni 1944

Verder is Piet Stroes net als zijn schoonvader Jan Koot actief in de St. Antoniuskerk in de Kanaalstraat.  Hij is er jarenlang collectant en Vincentiaan.  Vincentianen ondersteunen namens de kerk de armen van de parochie met geld, goederen en wijze raad. Soms mag Ruud van Boom op zaterdag mee om geld en voedsel te brengen. Hij herinnert zich hoe dankbaar de mensen waren voor de geboden ondersteuning.

Piet Stroes is ook jarenlang lid van de vrijwillige brandweer van Oudenrijn, opgericht in 1925 in Hotel den Hommel. Commandant van de brandweer is De Rijk van de wasserij en het tennispark Oudenrijn op de Kanaalweg 5. Een ander lid van de vrijwillige brandweer is Jos Ascherl van de Wethouder Diemontlaan, de latere verzetsheld (zie artikel Jos Ascherl elders op deze website).

De vrijwillige brandweer van Oudenrijn waarschijnlijk voor Den Hommel met rechts onder Piet Stroes en in het midden met pet, de commandant Kees de Rijk (van de Wasserij en het tennispark Oudenrijn Kanaalweg 4). Auteursrechthouder: Ruud van Boom

Het materieel staat opgeslagen in de garage van Hotel Café Restaurant Den Hommel.

Materieel van de vrijwillige brandweer Oudenrijn bij de garage van Den Hommel, 1935-1940. HUA 90545

Er worden elk jaar oefeningen en demonstraties gehouden, soms samen met de buurgemeenten Jutphaas, Vleuten en Harmelen om samen bij grote branden op te kunnen treden wanneer je het met één gemeentespuit niet af kan. Stel bijvoorbeeld dat het Homeopatisch Ziekenhuis geblust zou moeten worden. Dan moet je samen optrekken. Zo’n oefening in 1931 trekt veel bekijks van het publiek op de Galecopperdijk dat hier wandelde in des Hommels landelijke omgeving. En soms is het menens. Zo is er in 1950 brand onder de bezoekerstribune op het sportterrein Welgelegen. De vrijwillige brandweer van Oudenrijn is er op tijd bij. Als de nieuwe componistenwijk achter Park Oog in Al groeit gaan er hier stemmen op om bij brand liever een beroep te kunnen doen op de brandweer van Oudenrijn dan die van de gemeente Utrecht. Want met die Muntbrug die vaak openstaat weet je maar nooit of de brandweer het op tijd gaat redden en bij brand in Oog in Al zijn de Oudenrijners er zóó!

Op het weiland van boer Verbeek en in de kersenboomgaard aangrenzend aan de hoveniersgronden  wordt er tussen de middag veel gevoetbald door het tuinpersoneel en de zonen van de diverse hoveniersfamilies. In de oorlog worden alle bomen van de kersenboomgaard omgehakt voor brandhout.

Voetbal in de kersenboomgaard op de plek waar nu zo’n beetje de Weg der Verenigde Naties loopt, ca 1937. Met links achter de hoveniershuizen. Het team bestaat voor een groot deel uit neven van elkaar van de families Jongerius (huis 1)en De Rijk (huis 2) en Koot (huis 3) Aangevuld met Piet Stroes (huis 3, de man met de bal). Vader Bastiaan Jongerius (Hazereet) (huis 1) kijkt toe. Op de bovenste rij van links naar rechts: Antoon Koot, Nico Jongerius, Jan Jongerius (jonge Jan) , Jan de Rijk junior, Theo de Rijk. Halfzittend van links naar rechts: Jos de Rijk, Adriaan Jongerius, Piet Stroes en Nico de Rijk. Auteursrechthouder: Jan Verheul.

Ook voetbalt er een team van de hoveniers (ODS) van de Kanaalweg tegen de jongens van de Krugerbuurt (VHW, Vlug Heid Wint) aan de overkant van het Merwedekanaal op het Suikerterrein. Piet Stroes is de beste voetballer van de hoveniers.

Het elftal van de hoveniers tegen het team van de Krugerbuurt VHS aan de overkant van het Merwedekanaal op het Suikerterrein. Auteursrechthouder: Ruud van Boom

Als opa Jan Koot bedlegerig wordt, nemen dochter Corrie en schoonzoon Piet Stroes hem in huis. Hij wordt door hen jaren lang liefdevol verzorgd. In juli 1949 overlijdt Jan Koot op 79-jarige leeftijd.

Antoon Koot vertrekt na de annexatie van Oudenrijn naar Overvecht. Samen met zijn zonen Jan, Wim en Toon werkt hij nog een tijd bij Bep Agterberg, van de latere A. Agterberg Grondwerken, aan het bouwrijp maken van de nieuwe wijk Kanaleneiland.

Begin van het opspuiten en bouwrijp maken van Kanaleneiland, 1957. Zowel Antoon Koot als Piet Stroes werken hier aan mee. Auteursrechthouder: Ruud van Boom

Ook Piet Stroes komt terecht bij Agterberg Grondwerken, Bep Agterberg is zijn vriend. Hij werkt mee aan de aanleg van de plantsoenen en verricht diverse grondwerkzaamheden in de nieuwe wijk.

Grondwerkzaamheden voor de nieuwe wijk Kanaleneiland, hier bij de toekomstige Churchilllaan, 1957. HUA 45042

De Stroesen behoren bij de eerste bewoners van Kanaleneiland en gaan wonen op de Krikkelaan vlakbij de St. Isidoruskerk (nu Uitvaartcentrum Barbara) met uitzicht op het nieuwe sportcomplex Welgelegen (Transwijk). Ook pleegzoon Ruud verhuist mee naar Kanaleneiland. Ruud: Maar dat ging niet zonder slag of stoot hoor! We hebben nog allerlei protestacties ondernomen om in het huis op de Kanaalweg te kunnen blijven wonen maar het huis moest worden gesloopt voor nieuwbouw. In 1965 verlaat Ruud het huis van zijn pleegouders op de Krikkelaan. In 1981 zijn Piet en Corrie 50 jaar getrouwd en dat wordt gevierd in gebouw Transzicht bij hen om de hoek. Een bijzonder moment waaraan in het wijkblad Wij op ons eiland aandacht wordt besteed.

Piet Stroes en Corrie Stroes-Koot 50 jaar getrouwd, 27 januari 1981. Auteursrechthouder: Ruud van Boom
Echtpaar Stroes 50 jaar getrouwd. Beide afkomstig uit de tuinderswereld. Zij van het tuindershoekje aan de Kanaalstraat (moet zijn: Kanaalweg). Wij op ons Eiland, januari 1981

Niet lang daarna overlijdt Piet Stroes waarna Corrie tot haar dood in 1996 nog jaren in woonzorgcentrum Bijnskershoek woont.

De IJsbaan

In de winter lopen de inkomsten een stuk terug voor de hoveniers. Maar zij komen met een mooi alternatief. De velden van Piet Stroes en Antoon Koot worden in de winter tot ijsbaan omgetoverd, IJsbaan De Munt of ook wel IJsbaan Oudenrijn. De ingang is op de Leidseweg. Een ingenieur weg- en waterbouw die daar op de hoek woont, denkt mee over de aanleg van de ijsbaan. De ijsbaan wordt een succes door de zeer koude en lange winters. Er komen veel militairen van de drie kazernes in de buurt schaatsen.

Affiche van IJsbaan De Munt uit de jaren ’30. Gevonden in huis 1 (Kanaalweg 79-80) bij de verbouwing in 2009. Auteursrechthouders: Frank Vinke en Renske Uljee

Jan Verheul (1931): Het was een heuse IJsbaan met verlichting, muziek, koek en zopie en baanvegers. De toegang was via een houten noodbruggetje aan de Leidseweg op de plek van het huidige pand van Wildschut. De exploitatie was een groot succes. De opbrengst werd in de woonkamer van Jan de Rijk verdeeld onder de vier families. Het was een machtig gezicht, al dat geld op hoopjes gestapeld op de tafel: centen, 2.5 centen, stuivers, dubbeltjes etc. tot aan rijksdaalders toe.

Op dit deel van de tuingronden kwam ’s winters de ijsbaan van de hoveniers. Toegang via een bruggetje over de sloot bij de Leidseweg. Links huizen Leidseweg, rechts Cartonnagefabriek D. Miedema. Auteursrechthouder: Jan Verheul

Ruud van Boom: Piet Stroes was hiermee begonnen en later deden ook de jongens van Koot en De Rijk hieraan mee. De schaatsliefhebbers konden daar voor heel weinig entree veel plezier beleven. In de oorlog kwam helaas snel een eind aan de mogelijkheden een ijsbaan te onderhouden.

Corrie Stroes-Koot en Piet Stroes op de ijsbaan in 1939. Piet is als militair gemobiliseerd en is gelegerd op de Moerdijk. Tien jaar later krijgt hij daarvoor een mobilisatiekruis uitgereikt. Op de achtergrond de huizen op de Leidseweg. Auteursrechthouder: Ruud van Boom
Pleegdochter Corrie Koot van de Kanaalweg 3 op de IJsbaan De Munt. Auteursrechthouder: Ruud van Boom

In de rubriek gevonden voorwerpen van het Utrechts Nieuwsblad, 30 januari 1933 valt te lezen wat er allemaal achterblijft  bij en op de IJsbaan Oudenrijn na een willekeurige schaatsweek:

Gevonden voorwerpen op de IJsbaan Oudenrijn, UN 30 januari 1933
IJsbaanterrein op de tuindersgronden met rechts Cartonnagefabriek D. Miedema, 1938. Op de achtergrond De Leidseweg met auto’s in de file wachtend voor De Muntbrug die open staat. Auteursrechthouder: Jan Verheul
De buren van de hoveniers
Situatieschets van de omgeving van de hoveniershuizen in 1948. UN 7 februari 1948. Rood=hoveniershuizen. Groen=Sportterrein Welgelegen. Geel=Paul Krugerbrug. Oranje=Tennispark Oudenrijn. Blauw=Wasserij De Rijk en Cartonnagefabriek D.Miedema. Wit=IJsbaan De Munt
Gemeentelijk sportterrein Welgelegen

Iets verder dan huis 1 op de Kanaalweg komt in 1921 langs het Merwedekanaal een groot sportterrein van de gemeente met meerdere sportvelden, een bezoekerstribune en een kleed- en consumptie paviljoentje, genaamd Sportterrein Welgelegen. De velden voorzien in een grote behoefte. Er komen veel scholen (lopend vanuit de stad) en verenigingen sporten. Ook worden er feesten en openluchtvoorstellingen georganiseerd. In 1934 is het terrein gebruikt voor de noodlanding van een tweepersoons sportvliegtuigje uit Zwitserland bestuurd door aviatrice Mej. Isabelle Truempy. Dit trekt enorm veel kijkers op Welgelegen.

Sportterrein Welgelegen aan de Keulsche Vaart geopend, mei 1921, in aanwezigheid van de burgemeester, wethouder openbare werken en tal van hoogwaardigheidsbekleders. UN 17 mei 1921
Groote Gymnastiekuitvoering op Sportterrein Welgelegen, UN 23 september 1921
Optreden van de ”oudere meisjes” tijdens de Vacantie Ontspanning voor Schoolkinderen op het Sportterrein Welgelegen, zomer 1929. HUA 300321
Het Tennispark

Direct naast huis 3 van de families Koot & Stroes op de Kanaalweg 5 bevindt zich een prachtig tennispark genaamd tennispark Oudenrijn. Een park met meerdere tennisbanen dat grenst aan de tuinbouwgronden.

Luchtfoto met links huis 3 op de Kanaalweg 3 met het bruggetje over de sloot. Meteen daarnaast de tennisbanen van Tennispark Oudenrijn en rechts van de cartonnagefabriek en de wasserij de velden waar ’s winters de ijsbaan werd aangelegd. Auteursrechthouder: Jan Verheul

De oudste tennisvereniging die op ”Oudenrijn” tennist is de Utrechtse Tennis Vereeniging (UTV) van 1925. Daarnaast zijn er nog drie andere verenigingen die spelen op Oudenrijn: De Witte Muizen, Racket en Advantage. Het UN van april 1933 schrijft over het tennispark: gestart met enkele cementbanen ligt er thans, omgeven van oud-landelijk geboomte, een complex banen, waarop onderscheidene clubs en vereenigingen de tennissport beoefenen.

Tennispark Oudenrijn, tennisles. Utrecht in Woord en Beeld 18 juni 1940
Uitslagen wedstrijden op Tennispark Oudenrijn, Mededeelingen van de Nederlandsche Lawn Tennisclub, 1943

Elk jaar worden er toernooien op de Oudenrijn banen georganiseerd: het B toernooi districtscompetitie en het eigen park toernooi, het Oudenrijn toernooi met een chique woord ook wel tornooi genoemd. De toernooien trekken veel bezoekers. In de oorlog kampt het tennispark met een tekort aan tennisballen door de grondstoffenschaarste waardoor het doorgaan van de toernooien op losse schroeven komt te staan. Maar uiteindelijk gaan de toernooien ook in de oorlogsjaren gewoon door. In 1946 fuseren UTV en Advantage tot UTV Oudenrijn. Secretaris wordt J. Westers uit de Franz Schuberstraat 81.

UN 1953

In oktober 1954 viert UTV Oudenrijn het 25-jarig bestaan van de club met een receptie en diner in de bovenzaal van restaurant Noord-Brabant. Er komen veel zusterverenigingen uit de provincie Utrecht en veel eigen leden. Tot in de kleine uurtjes wordt er gedanst.

De laatste berichten over het tennispark in het Utrechts Nieuwsblad dateren van 1956. Waarschijnlijk zijn de banen na de annexatie van Oudenrijn opgeheven om plaats te maken voor nieuwbouw.

Ook op de Kanaalweg nummer 5 zit Wasserij Oudenrijn van C. de Rijk (geen familie van de hoveniers De Rijk) ook wel Wasserij De Rijk genoemd. In dit familiebedrijf wordt de was van veelal (rijkere) particulieren gedaan. De eerste wasmachines thuis komen immers pas na de Tweede Wereldoorlog. De was wordt in de wasserij gesorteerd, gewassen, kreukvrij gemaakt in de mangel of/en gedroogd, gestreken en opgevouwen. Het is zwaar werk en veelal vrouwen (meisjes) arbeid met lage verdiensten. In advertenties van het Utrechts Nieuwsblad worden er regelmatig nette meisjes gevraagd door Wasserij Oudenrijn voor de plattafel (hier wordt de was goed plat op elkaar gelegd om door de mangel te kunnen halen) en meisjes voor de mangel, zogenaamde mangelmeisjes. Maar ook inpaksters en strijksters worden gevraagd.

UN 17 augustus 1946 en Mangelmeisjes gevraagd, UN 26 november 1941

Kees de Rijk is jarenlang de tennisparkbeheerder van het tennispark. Nieuwe leden kunnen zich bij hem aanmelden. Kees voetbalde zelf ooit in de Patronaat Voetbal Club (PVC) opgezet vanuit de St. Antoniusparochie in 1915. De eerste wedstrijden van deze club worden gespeeld in de boomgaard achter de wasserij van De Rijk op een knollenveld, maar al gauw verhuist de voetbalclub naar de Groeneweg.

Inlichtingen bij De Rijk, Kanaalweg 5. Plaats voor beginnelingen op Tennispark Oudenrijn, UN 26 februari 1935
Cartonnagefabriek D. Miedema

Op de Kanaalweg 6 (later Kanaalweg 86) staat de Cartonnagefabriek D. Miedema. De fabriek grenst aan de tuinderijen van de hoveniers.

Uit Adresboek der gemeente Utrecht 1937

Dirk Miedema komt uit Harlingen en richt in 1925 een Boekbinderij en Cartonnagefabriek op in de Frederik Hendrikstraat 6 in Utrecht. In 1931 breekt hier een alles verwoestende uitslaande brand uit. Mogelijk is deze brand ontstaan door het vlam vatten van parafine tijdens de werkzaamheden. In 1935 heeft de fabriek een nieuwe plek gevonden aan de Kanaalweg. Er worden luxe en eenvoudige verpakkingen, beplakte cartonnages en drukwerken gemaakt en bedrukt. Miedema sluit zich aan bij de werkgeversbond in de grafische industrie, de Patroonsbond RKV. Miedema vraagt regelmatig om nieuw personeel. Gevraagd: vrouwen, gehuwd en ongehuwd, voor schoon werk (1961) of gevraagd cartonnettes (1967).

Volkskrant 18 februari 1952

Miedema zelf woont met vrouw, kinderen en herdershond eerst in de Händelstraat 52 en vanaf 1937 op de Leidseweg 81. Tijdens de oorlog is er een personeelstekort. Jongens, meisjes, gehuwde vrouwen en gepensioneerden worden gevraagd te solliciteren. In 1950 bestaat de fabriek 25 jaar en verschijnt er een jubileumboek. In 1989 verhuist de fabriek na 54 jaar op de Kanaalweg naar Nieuwegein. Dirk Miedema overlijdt in 1993 op 94 jarige leeftijd in Utrecht.  In 2004 neemt een andere belangrijke speler op de markt van de verpakkingsindustrie Acket uit Oss, D. Miedema Cartonnage over.

De fabriek in 1987, Fotodienst GAU, HUA 59903
Paul Krugerbrug

In 1947 komt de Paul Krugerbrug gereed vlak naast de hoveniershuizen. Al in 1941 wordt een aanvang gemaakt met de bouwwerkzaamheden maar in de oorlog komt het werk stil te liggen. De Paul Krugerbrug kan open en dicht om het scheepvaartverkeer in het Merwedekanaal door te laten. De zilvergrijs geschilderde slagbomen vallen te weinig op en moeten worden vervangen door rood- witte.

Paul Krugerbrug in alle stilte geopend. UN 5 september 1947
De nieuwe Paul Krugerbrug over het Merwedekanaal met de hoveniershuizen linksonder, 6 september 1949. Aan de overkant het Suikerterrein met het munitiehuisje uit de oorlog. Foto KLM 17775. Auteursrechthouder: Jan Verheul

Ed.Schulte, in 1944 geboren op de Leidseweg 65 bis A, wandelt in 1948 met zijn ouders over de pas geopende Paul Krugerbrug. Er worden filmopnames gemaakt waarbij de brug en de omgeving prachtig in beeld komen. De hoveniershuizen staan er nét niet op. Maar wel de uitgestrekte weilanden langs het Merwedekanaal aan de kant van de Kanaalweg én natuurlijk kleine Eddy met zijn moeder Nel Schulte-de Roos en zijn vader H.E. (Eddy) Schulte (architect):

De tunnel onderdoorgang onder de Paul Krugerbrug wordt tien jaar later aangelegd met het oog op de bereikbaarheid van de  nieuwe wijk Kanaleneiland in 1957. Dit deel van Oudenrijn heet dan al Welgelegen. Er komen een autoweg, fiets- en voetpad onder de weg door.

De tunnel onderdoorgang onder de Paul Krugerbrug net geopend 1957. De foto lijkt vanuit huis 1 genomen. Linksachter De Jaarbeurs. Foto van de politie. HUA 76573
De laatste werkzaamheden aan de nieuwe tunnelonderdoorgang bij de Paul Krugerbrug met een glimp van de hoveniershuizen op de achtergrond. Foto politie, 1957. HUA 76572

En nog weer later wordt de brug in 1983 een vaste brug en verbreed in verband met de aanleg van de sneltram. De brug krijgt na protestacties een andere naam, Sowetobrug. Paul Kruger wordt geassocieerd met het blanke minderheidsbewind in Transvaal, Zuid Afrika. De actievoerders schrijven op een spandoek over Paul Kruger: Deze hoge heer, zwaar gestoord, leefde van moord. En: Een nieuwe brug, een nieuwe naam. Maar de hoveniers zijn dan allang vertrokken.

In de tijd dat de hoveniers er nog wonen maken ze heel wat mee rond de brug zo vlak bij hun huis. Ongelukken, mensen te water, de avond-vierdaagse die jaarlijks over de brug loopt, werkzaamheden aan de brug en verkeersopstoppingen op de brug bij de Voorjaars- en Najaarsbeurs in de Jaarbeursgebouwen.

Jonge Jan Jongerius adverteert met: Jongerius, Kanaalweg (bij Paul Krugerbrug)

UN 22 januari 1955, Kanaalweg 1 is inmiddels Kanaalweg 80 geworden.
Werkzaamheden aan de Paul Krugerbrug (Sowetobrug) in 1982 ter verbreding van de brug ondermeer in verband met de aanleg van de sneltram. Met de nog twee resterende hoveniershuizen rechts op de achtergrond. Fotodienst GAU, HUA 84029
Annexatie

In oktober 1953 wordt door de provincie Utrecht het besluit genomen tot een wijziging van de gemeentegrenzen.. De gemeente Utrecht regelt daarmee de behoefte aan uitbreiding van haar grondgebied voor woningbouw, ten koste van de aangrenzende gemeente Oudenrijn. Dat de gemeente Oudenrijn het daarmee totaal oneens is moge duidelijk zijn.

Bij de annexatie van Oudenrijn wordt de tuindersgrond onteigend en komt er een einde aan generaties hoveniers aan de Kanaalweg. De nieuwe buurten Welgelegen en Den Hommel worden tot Kanaleneiland Noord gerekend in de nieuwbouwplannen van de gemeente. De grens wordt in de plannen getrokken bij de Leidse Rijn, hierna begint Oog in Al. Maar in de praktijk hoort Welgelegen eerder bij Oog in Al dan bij Kanaleneiland. Dit zie je ook terug in de naamgeving van de straten, ook in Welgelegen krijgen de straten componisten namen zoals Ravel, Rachmaninoff en Bartok. De  Weg der Verenigde Naties wordt als grens ervaren, daarna begint Kanaleneiland.

Nieuwe componisten straatnamen voor Welgelegen, UN 13 juni 1959

Er komt veel nieuwbouw op de plek van de tuinbouwgronden. Volgens het Uitbreidingsplan-in-onderdelen, Welgelegen van de Gemeente Utrecht uit 1958 denkt men in eerste instantie aan de bouw van 480 woningen bedoeld voor 1700 inwoners. Men kiest voor gestapelde bebouwing van vier, acht en twaalf lagen of nog hoger. De gebouwen moeten vrij in de ruimte komen te staan met het nodige groen. Ook voorziet het plan in zes buurtwinkels aan de Bartoklaan met daarboven woningen, een telefooncentrale en verschillende scholen. Bij de uitwerking van de plannen in de jaren ’60 wordt er afgeweken van het oorspronkelijke bouwplan en worden er, in plaats van sommige woonflats, kantoren gebouwd en daarmee komt er minder woonruimte dan gepland. Een drogist die zich al heeft gevestigd in een winkel aan de Bartoklaan wordt daarvan de dupe. Er komen minder bewoners dan voorzien en andere winkels blijven leegstaan.

Een voorbeeld van een woonflat op de oude tuingronden is de Boleroflat van 1965 aan de Ravellaan. Voorbeelden van kantoren zijn het CNV-gebouw (1971, op de plek van huis 3) en het gemeentelijk ROVU-gebouw (Ruimtelijke ordening, Openbare werken, Volkshuisvesting Utrecht (1968, op de plek waar vroeger de kassen met schoorsteen stonden). Een voorbeeld van een school bij de uitvoering van de nieuwe plannen is de Protestants Christelijke IVO (ULO) school mét gymnastieklokaal, Ravellaan 15 (1965).

ROVU gebouw in aanbouw op de plek van de voormalige tuindersgronden 1967. De IVO school (links) staat er sinds 1965. Huis 3 is inmiddels afgebroken. HUA 23190

Op de plek van de hovenierswoningen staat op een kaartje in de bouwplannen uit 1958 voor Welgelegen openbaar groen ingetekend zónder de woningen. Maar op een maquette van de nieuw te bouwen wijk Kanaleneiland, waaronder ook Welgelegen, uit 1961 zijn de twee hovenierswoningen weer wel te zien. Hoe het ook zij, de hoveniersgrond is onteigend, de bewoners zijn vertrokken en het blijft lang onduidelijk wat het lot van de hovenierswoningen zal zijn; behoud of afbraak.

Waren er rond 1900 alleen al in Abstede 175 hoveniers, in heel Utrecht zijn er rond 1960 nog maar zo’n 40 hoveniers over. Het Utrechts Nieuwsblad kopt in 1951: Hoveniers in Utrecht, een uitstervend ras. Dit naar aanleiding van de uitbreidende stad, de oprukkende woningbouw en de onteigening van hoveniersgronden. Hoveniers wijken uit naar omliggende gemeentes waaronder Vleuten en nieuwe generaties kiezen vaker voor een ander beroep. Vandaag de dag associëren we hoveniers met tuinaanleg en- onderhoud en niet meer met tuinders die groenten en fruit verbouwen.

Een uitstervend ras, UN 16 januari 1951
Nawoord
Huis 1

De huidige bewoners van huis 1, Frank Vinke en Renske Uljee, kopen het huis in december 2008 van Rijkswaterstaat. Het is inmiddels een rijksmonument. In de verkoopbrochure staat: Op een unieke locatie in de wijk Welgelegen ligt deze rijksmonumentale en karakteristieke woonboerderij met uitzicht op de Rijksmunt (…) Voorzien van originele details (…)

Foto van de achterkant van het huis Kanaalweg 79,80 in de verkoopbrochure 2009

De Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed ziet dit huis bij de beschrijving van rijksmonumenten als onderdeel van het waterstaatkundig complex met onder andere de sluiswerken in het Merwedekanaal en beschrijft het huis als een dienstwoning van brug- of sluiswachters. De omschrijving van de huizen Kanaalweg 79,80, 81 en 82 (huis 1 en 2) luidt: Vier DIENSTWONINGEN onderdeel uitmakend van het sluizencomplex in en om het Merwedekanaal, uit ca 1900, uitgevoerd als twee geschakelde woonhuizen, nagenoeg aan elkaar gelijk. Elk bouwblok bezit een rechthoekige plattegrond, is in baksteen opgetrokken en telt één bouwlaag onder een, met tuile du Nord belegd mansardekap (dakpannen); nokrichting loodrecht op de straat. De panden zijn onderling verbonden door een laag bakstenen muurtje dat als erfafscheiding in het verlengde van de straatgevel ligt.

Wij weten inmiddels beter, het gaat hier niet om voormalige diensthuizen voor sluis- of brugwachters maar om hoveniershuizen. Het huis op nummer 79/80 verkeert bij aankoop in slechte en uitgewoonde staat. Er hebben jarenlang krakers gewoond tot aan het moment dat het gesloopt zou worden. Maar van sloop is het gelukkig niet gekomen. De huidige bewoners knappen het huis prachtig op met oog voor de oorspronkelijke details en voor de geschiedenis van hun huis. Bij de verbouwing vinden ze nog een rol met affiches van de IJsbaan De Munt uit de jaren ‘30. In de voortuin zit nog een grote gierput die eruit moet worden gehaald. Tijdens de verbouwing wonen ze in het Voorhuis. Hier wordt in 2011 de Bed & Breakfast Het Voorhuis gevestigd. De gasten zijn zeer te spreken over deze plek. In het begin hebben Frank en Renske hun gasten nog weinig in de buurt te bieden aan eetgelegenheden en bezienswaardigheden. Maar de laatste tijd komen er zoveel leuke mooie plekken bij in de buurt!

Een slaapkamer in de B & B Het Voorhuis met op de muur een grote foto van de tuingronden achter de hoveniershuizen met de platglas kassen en links achter de cartonnagefabriek D. Miedema. Foto: Booking.com

De drie oude lindes naast het huis zijn nog door de eerste bewoners geplant. Onlangs hebben Frank en Renske er zelf weer een vierde bij geplant.

Door acties van de bewonersorganisatie BBW (Belangenoverleg Buurt Welgelegen), waarin Frank ook actief is, hebben ze recentelijk zes bomen aan het Merwedekanaal kunnen behouden die op de kaplijst stonden in verband met de werkzaamheden aan de kades  van het Merwedekanaal.

Op een dag staat Jan Verheul (1931) bij Frank en Renske op de stoep met een dik fotoboek onder zijn arm. Hij stelt zich voor als de kleinzoon van de oorspronkelijke bewoners Jongerius en deelt graag zijn foto’s en verhalen. Veel daarvan zijn terug te vinden in dit artikel, waaronder de prachtige luchtfoto’s van de KLM die Jan zelf allemaal gekocht heeft voor 10 gulden per stuk op Schiphol Oost. Ook is hij in het bezit van de originele koopacte van de grond in 1898.

Stapels foto’s van Jan Verheul uit het familiearchief van zijn moeder Cornelia Verheul-Jongerius, geboren op de Kanaalweg 1.

Renske Uljee is actief in het Sowetobrug tegelproject. De tunnel uit 1957 vlakbij de hoveniershuizen aan de Kanaalweg is donker en onaangenaam. Omwonenden en andere gebruikers slaan de handen ineen voor een opknapbeurt. Initiatiefneemsters Renske Uljee en Nicole Coenen vragen kunstenares Esther Derkx om een tegelontwerp te maken voor de tunnel. Esther maakt daarvoor gebruik van oude foto’s die ook in dit artikel staan waaronder de foto van de spinaziesnijders met de families Jongerius, de Rijk en Koot. Dit project is al door veel omwonenden gesteund en kan nog steeds steun gebruiken. Op de website www.kunstwerkindetunnel.nl  kun je voor 15 euro een tegel adopteren en daarmee steun je het project. Tijdens de opening ontvang je dan een tegel in klein formaat van 5×5 cm als aandenken. Op 1 april 2020 staat de subsidieaanvraag op de agenda van de gemeente en nu maar hopen dat het project doorgang kan vinden.

Tegelontwerp voor in de tunnel van de Sowetobrug van Esther Derkx met een foto van het IJsbaanterrein en van de Spinaziesnijders, kunstindetunnel.nl
Huis 2

Ook huis 2 wordt van de sloop gered. Hier wonen nog nazaten van de tuindersfamilie Goes uit Groenekan. Zij huren dit huis van woningbouwvereniging Mitros. Op nummer 82 zit sinds 2000 een modern hoveniersbedrijf, Kroes tuinen, voor de aanleg en het onderhoud van tuinen.

Kanaalweg 81 en 82, hoek Ravellaan, Fotodienst GAU, 1989. HUA 59902
Kanaalweg 81 en 82 vanuit de Ravellaan gezien, fotodienst GAU, 1989. HUA 59901
Huis 3
Uitzicht vanuit het ROVU gebouw in 1972. Huis 3 heeft plaatsgemaakt voor CNV gebouw. Hoveniershuizen staan samen op een groen veld. Foto gemeente Archief Utrecht, HUA 84819
De twee huizen in kleur met het CNV gebouw, april 1987. Foto: Jan Verheul

Huis 3 is ‘’pas’’ rond 1967 afgebroken (dit terwijl de bewoners er al midden jaren ’50 uit moesten). Op deze plek wordt in januari 1971 het nieuwe CNV (Christelijk Nationaal Vakverbond) hoofdkantoor geopend door Prins Claus. Dit doet hij door de CNV-vlag voor de ingang opzij te schuiven. Voorzitter van het CNV is op dat moment Jan Lanser.

Prins Claus opent het nieuwe CNV gebouw op 14 januari 1971. Nederlands Dagblad, 4 januari 1971

Het is een modern gebouw dat volgens de penningmeester J. van Rheenen toch zeker tot het jaar 2000 mee moet kunnen. Kosten: 3,5 miljoen gulden. In 1969 was de grond al aangekocht en begin 1970 is begonnen met de bouw. Het ontwerp is van architectenbureau Wouda die bij het ontwerpen rekening houdt met de wensen van de toekomstige gebruikers van het gebouw. Zo komen er verwarmingen die afzonderlijk voor ruimten te regelen zijn en er komt ook ventilatie. Elk uur wordt de lucht ververst. En in de ruime  vergaderzalen wordt de rook van de sigaretten afgevoerd. Er is een mooie bibliotheek en pronkstuk is de kantine met keuken waar ook warme maaltijden kunnen worden bereid.

Zeker goed tot jaar 2000, kop in Trouw 13 januari 1971

Het jaar 2000 wordt gehaald maar in 2007 verruilt het CNV het slecht onderhouden gebouw voor een nieuw hoofdkantoor aan de Tiberdreef. Het pand wordt daarna voor verschillende doeleinden gebruikt. Er worden na aanpassing korte tijd asielzoekers opgevangen (tot eind 2017) en momenteel wonen er studenten. Dit in afwachting van sloop- en nieuwbouwplannen van eigenaar De Waal.

De trend lijkt gekeerd, kwamen er in de wijk Welgelegen in de jaren ‘60 en ’70 meer kantoren dan woningen, nu maken de oude kantoren en bedrijven alsnog plaats voor woningen, waar in de gemeente dringend behoefte aan is.

Luchtfoto van het CNV gebouw en de twee hoveniershuizen in 1998. Naast de huizen is inmiddels ook nieuwbouw gekomen. En de Sowetobrug is verbreed met trambaan. Fotodienst GAU. HUA 85557
Verder nog

De belangenorganisatie BBW zet zich ook in voor het behoud en een beschermde status van het stukje Hommelbos dat nog over is van het oorspronkelijke bos dat aan het land van de hoveniers en aan landgoed Welgelegen grensde. Dit stukje bos is nu te vinden in een vergeten hoek van de wijk achter het Essostation. Er staan nog 150 jaar oude bomen zoals bijvoorbeeld enkele zomereiken uit 1890 en er zitten vogels (waaronder de bonte Specht) en vleermuizen. De Wijkraad West staat achter het idee van een beschermde status en de Gemeente onderzoekt de mogelijkheid van een monumenten-status.

Voorjaar in het Hommelbos met sneeuwklokjes, 2019. Foto van Belangenoverleg Buurt Welgelegen.

Maurits Schmidt, jarenlang journalist bij ondermeer De Volkskrant, is geboren en getogen op de Leidseweg en woont later op de Joseph Haydnlaan. In 1984 blikt hij terug op zijn jeugdjaren en Het Bos:

Volkskrant 16 februari 1984. Met dank aan Ed. Schulte

In de buurt van de Rode Brug bij Overvecht zijn enkele straten vernoemd naar de hoveniers van weleer. Zo kom  je daar onder andere de Jongeriusstraat en Verheulstraat tegen. Andere straten zijn vernoemd naar Gresnigt, van Zijl, Miltenburg en van der Steen. Ook is er de Hoveniersbrug.

Een derde hovenierswoning in Utrecht die behouden is , is het huis van Mien uit 1875 aan de Van Zijstweg (voorheen Kleine Lijnpad) bij de Veilinghaven, in de buurt van Villa Jongerius. Dit huis is vernoemd naar de laatste bewoonster Mien de Groot (1911-1998) De woning behoorde toe aan de hoveniersfamilie De Groot en stond destijds te midden van hoveniersgronden.

Huis van Mien in 1926 rechts op de foto, aan het toenmalige 1-e Kleine Lijnpad 35, fotograaf E.A. van Blitz & Zn, HUA 41743

In 1996 koopt de gemeente het Huis van Mien in verband met een geplande verbreding van de Van Zijstweg. Sloop dreigt, maar na acties van de historische vereniging Oud-Utrecht en Groen Links krijgt het sterk vervallen huis in september 2019 de status van gemeentelijk monument met de toelichting: Met dit besluit erkent het college de cultuurhistorische waarde van de woning, als herinnering aan de agrarische geschiedenis van dit gebied. Dit gemeentelijk monument staat nu te koop.

Huis van Mien in 1982, van Zijstweg 51. HUA 74937

Met veel dank aan:
Jan Verheul (1931), kleinzoon van Bastiaan en Johanna (huis 1);
Hennie Verheul (1950), kleinzoon van Elisabeth, de oudste dochter van Bastiaan en Johanna (huis 1);
De huidige bewoners van huis 1, Frank Vinke en Renske Uljee;
Ruud van Boom, de pleegzoon van Piet Stroes en Corrie Koot (huis 3);
Belangenorganisatie Buurt Welgelegen, Irene Sinteur.

Samen met Jan Verheul, de kleinzoon van Bastiaan en Johanna Jongerius uit huis 1, oude foto’s bekijken , november 2019. Foto Anna Wits

Bronnen:
Foto bovenaan:de drie huizen in 1957, de sloot is net gedempt en de brug onderdoorgang Paul Krugerbrug is net aangelegd, foto Jan Verheul
Gesprek Jan Verheul, 17 november 2019
Gesprek Hennie Verheul, 16 december 2019
Gesprek Ruud van Boom, 3 februari 2020
Utrechts Nieuwsblad, 29 april en 14 mei 1921, 28 september 1925, 06 augustus 1931, juli 1950, 1 juni 1965, 14 januari 1971. Het Vaderland,10 augustus 1934.
De Uitkijk, orgaan bewonersbelangen Welgelegen
De Oud Utrechter:
De hoveniers aan de Keulse Vaart, Jan Verheul, 24 januari 2012.
De hoveniers van de Kanaalweg, Ruud van Boom, 24 juli 2012.
De Krugerbuurt was één grote familie, Wim Hoefakker, 24 juli 2012
Adresboek der Stad Utrecht 1930, 1937, 1940
Erfgoed Utrecht, cultuurhistorisch onderzoek Kanaleneiland, juni 2006
Gedenkboek Vereeniging Groenten en vruchtenveiling Utrecht en Omstreeken, 1905-1928
Santen, Bettina van, ’T Komt in Orde, het ware verhaal achter Villa Jongerius, Utrecht 2013
Scheepens, F.J. Utrechtse Hoveniersgeslachten van ca 1600-1900, Utrecht 1986
Utrechtse Hoveniers, genealogieen van een bijzondere beroepsgroep, Nederlandse Genealogische
Vereniging en Historische Vereniging Vleuten, De Meern, Haarzuilens. Utrecht 2011
aanzet.nl, interview met Jan Verheul, november 2004, Henk van Diepen 18 april 2013
Wijkraad West Advies, Hommelbos 2018
Cultureelerfgoed.nl, Rijksmonumenten
Hoveniers van Utrecht, minstroomutrecht.nl
tbchuisje.nl
Het Utrechts Archief: bekijk de foto van huis 3 Kanaalweg 3 met daarnaast Tennispark Oudenrijn op
https://hetutrechtsarchief.nl/beeldmateriaal/detail/67aadb7e-dc11-51ee-8c82-3dffb003399a/media/2ac805c3-f4b9-949a-9bf9-2094676f1367?mode=detail&view=horizontal&q=tennispark%20Oudenrijn&rows=1&page=1

Filmfragment 1948 Paul Krugerbrug, afkomstig uit het familiearchief van de familie Schulte, auteursrechthouder: Ed. Schulte.
Er zijn ook nog filmopnames uit 1950 van een ritje door de wijk uit het familiearchief van de familie Schulte: na de Joseph Haydnlaan met oude stadsbus, volgt de Leidseweg, bij de Muntbrug (éénrichtingsverkeer voor auto’s vanuit de stad) naar rechts langs de hoveniershuizen (je ziet nog net een glimp van het witte hek en een lindeboom van huis 1) naar links de Paul Krugerbrug over met de auto. Auteursrechthouder: Ed. Schulte

En tot slot nog levende beelden van een potje tennis op het Tennispark Oudenrijn uit 1950 (auteursrechthouder: Ed. Schulte):

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Share:

Dit vind je vast ook leuk