Oog in Al stapt over op aardgas

Het is dit jaar 60 jaar geleden dat Oog in Al aardgas kreeg, namelijk in juni 1966. Na de vondst van het aardgasveld bij Slochteren in 1959 stapt heel Nederland binnen 10 jaar over op aardgas. Vanuit de landelijke overheid wordt de overgang voorbereid en uitgerold. Utrecht maakt die overstap tussen juli 1965 en december 1966. Er is sprake van een wijkgerichte aanpak. De eerste wijk die aardgas krijgt is Overvecht. In juni 1966 zijn Oog in Al en Halve Maan aan de beurt. Bewoners krijgen huis aan huis bezoek om de overgang van stadsgas en kolen naar het aardgas voor te bereiden en uit te voeren.
Nu staat er een nieuwe energietransitie naar een aardgasvrije stad en wijk voor de deur.

Steenkool, stadsgas en stookolie

Voor de komst van het aardgas koken en stoken Oog in Allers op stadsgas, kolen of olie. Het stadsgas (gewonnen uit steenkolen) wordt geleverd door de Gemeente Gasfabriek aan de Blauwkapelseweg.

Maandnota 1924 van de Gemeente Gasfabriek: ‘met gas, een vlugge wasch!’ en ‘Leest dit goed en niet vergeten, op gas kookt men het smakelijkst eten’. Het Utrechts Archief (HUA)

In 1959 komt er een nieuwe Gasfabriek van Gasbedrijf Centraal Nederland aan de Atoomweg op Lage Weide. De oude fabriek aan de Blauwkapelseweg wordt in 1960 gesloopt. Het stadsgas wordt jarenlang gebruikt om het water te verwarmen en om mee te koken. Kolen worden vooral gebruikt om te stoken. Elektriciteit wordt eigenlijk alleen gebruikt voor verlichting en voor de eerste elektrische huishoudelijke apparaten zoals een stofzuiger of radio.

De jarendertigwoningen in Oog in Al zijn standaard voorzien van waterleiding, riolering en elektriciteit. Van centrale verwarming is nog lang geen sprake. Vaak wordt er maar één kamer verwarmd. De enige kachel staat beneden in de voor- en /of achterkamer. In de woonkamer bevindt zich de schoorsteen met schouw. Met de schuifdeuren dicht blijft het daar lekker warm. De keuze voor welke haard en brandstof is aan de bewoner. Het betreft vaak een kolengestookte kachel. ‘De huisvrouw’ wordt als belangrijkste klant gezien door de energiebedrijven. Reclames zijn tot haar gericht. Stoken op kolen (uit Limburg)  is lange tijd het goedkoopst.

De voorraad kolen ligt in het kolenhok in de schuur of in de kelder en moet meerdere keren per jaar worden aangevuld door de kolenboer per (half)mud. In Oog in Al  is het brandstoffenhandel Firma C. Bosman (later H. J. Haverkamp) op de Beethovenlaan 7 die kolen levert. Zijn kolenvoorraad ligt op de Leidseweg 41.

De kolenkachel brengt een hoop gedoe met zich mee. Een paar keer per dag moet er gesjouwd worden met kolen. Dit wordt vaak door de vrouw des huizes of de kinderen gedaan. De kachel wordt gevuld met kolen met de kolenkit. Dit is een soort emmer speciaal gemaakt om kolen vanuit het kolenhok naar de kolenkachel te brengen. De gietvorm van de kit is praktisch omdat deze naar boven toe steeds smaller wordt. Dit maakt het makkelijker om de kachel bij te vullen.

Een huisvrouw sjouwt de kolenkit de trap op, 1961. Nationaal Archief

De ‘huisvrouw’ zorgt ervoor dat het vuur de hele dag blijft branden. En als de asla vol is moet deze geleegd worden in de asemmer. Dit geeft veel roet en stof in huis. De jaarlijkse voorjaarsschoonmaak aan het eind van het stookseizoen is dan ook geen overbodige luxe.

De grote voorjaarsschoonmaak, Pinterest

Ook de schoorsteenveger komt minstens één keer per jaar langs. Maar de kolenhaard staat ook symbool voor ‘gezelligheid’. Met het hele gezin zit je eromheen. En kan je staren naar de vlammetjes. In de rest van het huis is het koud. Reclames uit de kolenbranche spreken over Gezellige mensen stoken kolen. Vanaf de jaren 50 doet ook aardolie zijn intrede en worden kolenkachels steeds vaker door oliekachels vervangen.

Met het gezin ‘gezellig’ rond de kolenkachel, Pinterest
Het aardgas van Slochteren

In mei 1959 wordt er in het Groningenveld (aardgasveld van Slochteren) één van de grootste aardgasvelden ter wereld gevonden. De voorraad is dermate groot dat heel Nederland kan worden voorzien. De verwachting is dat we met zijn allen 60 jaar kunnen koken op aardgas. En dat er zeker tot het jaar 2000 voorraad is.

Nijmeegs Dagblad, 17 november 1960
Aardgaskrant GEB Haarlem, geschiedenislokaal23

In 1963 krijgt Groningen aardgas. Al snel wordt besloten om iedereen in het land aan te sluiten op aardgas. Dit maakt het leven makkelijker want in tegenstelling tot steenkool hoef je aardgas niet aan te vullen, komt er geen rook vrij en is er geen afval (as). Bovendien wordt aardgas goedkoper dan steenkool. Iedereen gaat er op vooruit. Daartoe wordt  er een groot landelijk netwerk van gasleidingen aangelegd die geschikt zijn voor aardgas. In april 1963 wordt de Gasunie opgericht voor het transport van aardgas. Er komt een netwerk van uiteindelijk duizenden kilometers aan leidingen door heel Nederland. De aardgasbuizen worden geïmporteerd uit het buitenland. Utrecht wordt aangesloten via een hoofdleiding uit Ommen. Tot aan de grenzen van de stad is de Gasunie verantwoordelijk daarna neemt de gemeente het over. In Utrecht is dat de GEVU (Gemeentelijk Energie- en Vervoersbedrijf Utrecht). Het stadsgasnetwerk moet worden aangepast op kosten van de gemeente.

 Aardgasvoorlichting in Utrecht
Kop uit het Parool, 1963. Ook in 1964 en 1965 veel aandacht voor aardgas op de Voorjaarsbeurs.

Op de Voorjaarsbeurs in maart 1964 in de Jaarbeurshallen is aardgas een belangrijk thema. De beurs wordt geopend door Prins Bernard.

Opening Voorjaarsbeurs 1964 door Prins Bernhard. Hier samen met Minister van Aartsen (links) op de stand van de Gasunie bij een aardgasafsluitinstallatie. Nationaal Archief, 1964

De hele Merwedehal aan de Croeselaan wordt ingericht met aardgastoestellen. 80 bedrijven uit binnen- en buitenland geven informatie en exposeren hun apparatuur op het gebied van aardgas. Ook de Gasunie is aanwezig en deelt de nodige speldjes en ballonnen uit. Op 10 maart wordt  er een speciale ‘aardgasdag’ tijdens de beurs georganiseerd, waar veel aspecten rond het aardgas worden belicht. Aardgas gaat de levensmogelijkheden in huis veranderen. Niet langer is de verwarming van je huis beperkt tot één kamer. De beurs trekt een record aantal bezoekers. De ‘aardgasdag’ is zo’n succes dat de lezingen de dag erna nog eens worden herhaald. Ook het jaar erop is er weer veel aandacht voor het onderwerp aardgas met een speciale ‘aardgasdag’ op de Voorjaarsbeurs.

Aardgas neemt een belangrijke plaats in op de Voorjaarsbeurs 1964. Utrechts Nieuwsblad februari 1964

In mei 1964 wordt er een informatiecentrum van de GEVU  ‘Gasvoorlichting Utrecht’ geopend voor ‘stad en provincie’ aan de Biltstraat 48. Hier kun  je je ook aanmelden voor een middag- of avondlezing over koken en verwarming op aardgas door speciale voorlichtingsleraressen. Want koken op aardgas is anders dan koken op stadsgas. Het gaat veel sneller door de hogere calorische waarde.

Gasvoorlichting Biltstraat 48 geopend, UN 8 mei 1964

In de Lange Jansstraat 25 komt eind december 1964 een ‘toonkamer’, Het Aardgascentrum,  waar ‘huisvrouwen’ zich kunnen oriënteren op de nieuwe gastoestellen. Vooral op zaterdagen is het er druk.

Aardgascentrum Lange Jansstraat 21-23 geopend, UN 28 december 1964
Profiteer van de inruilactie!!. Aardgascentrum Utrecht, 1964. Noord-Hollands Archief
Limburgs Dagblad 6 juni 1964

Met aardgaswarmte kolenhandel in de kou.

Olie- en kolenboeren protesteren massaal maar dat wordt een achterhoedegevecht. Steenkool legt het op bijna alle punten af tegen aardgas. Aardgas is gemakkelijker, sneller, goedkoper én schoner. De verkoop van kolenkachels stort vanaf 1964 in.

Het ombouwbedrijf Gascon

De ombouw van de gastoestellen van stadsgas naar aardgas wordt uitbesteed aan Gascon NV. Dit is een dochterbedrijf van Werkspoor, opgericht in juli 1964. Gascon is het grootste ombouwbedrijf van Nederland. Er zijn in totaal zo’n 10 ombouwbedrijven in Nederland. Gascon zetelt met een twee koppige directie, Drs J. Schwencke en Ir L. Van Egeraat, beide van Werkspoor, en zo’n 50 personeelsleden op de 15-e verdieping van de Neudeflat. Van hieruit hebben ze een mooi uitzicht over een deel van hun werkgebied.

Directeur Schwencke van Gascon op de 15-e etage van de Neudeflat met uitzicht op de Dom, UN februari 1965

Gascon wordt  geadviseerd door het Amerikaanse gasbedrijf  Shrivers Gas Conversions, zij zijn al bekend met gasombouw en zo komt de Nederlandse Gascon aan zijn naam. Er komen 25 Amerikaanse ingenieurs naar Nederland om te helpen. De beide directeuren maken op hun beurt een studiereis naar Amerika.

Gascon moet op zoek naar geschikte aardgasmonteurs, ook wel  ‘gasstelombouwers’ genoemd. Het gaat om een nieuw beroep. Hiervoor geldt een strenge selectie want ‘onze monteurs komen bij de mensen thuis en moeten van onbesproken gedrag zijn’ Vooral gehuwde mannen tussen de 30 en 40 jaar worden  aangenomen. Zij hebben zelf een gezin en weten van de hoed en de rand.  Zij moeten ook netjes kunnen werken want ze moeten de keuken van de huisvrouw netjes houden bij de ombouw, de rommel weer opruimen en kranten op de vloer leggen. De eerste wervingscampagne levert 650 aanmeldingen op waarvan er 220 de test doorstaan.

Gascon richt drie opleidingsscholen voor de monteurs op waarvan één in Utrecht. Deze staat op het terrein van Machinefabriek Frans Smulders Croeselaan 20 en wordt op 13 augustus 1964 geopend.

Opening eerste Gascon-school in Utrecht met links directeur Schwencke, UN augustus 1964

De opleiding besteedt aandacht aan theoretische (30%) en praktische scholing (70%). Het praktijkgedeelte      vindt plaats in kleine keukentjes met een gasfornuis, geiser en komfoor (kooktoestel). De vlamhoogte en het vlambeeld zijn belangrijke aandachtspunten.

Gascon-school, praktische scholing in de kleine keukentjes voor de ombouw van de gastoestellen, UN 4 februari 1965

De opleiding duurt twee weken en per keer kunnen er 12 deelnemers meedoen. Daarna lopen de opgeleide monteurs nog een maand mee met de ervaren gasfitters. Op de ‘Gasconschool’ in Utrecht is er één vrouw die de opleiding tot aardgasmonteur volgt en dat is Mevrouw van den Broek-Mennen uit Middelrode. Zij gaat uiteindelijk werken als voorlichtster bij diverse gemeenten. De andere twee scholen van Gascon komen in Rotterdam. Want naast de stad en de provincie Utrecht werkt Gascon ook in andere steden zoals Rotterdam, Venlo, Dordrecht, Roermond en Tilburg. In de provincie Utrecht is Woudenberg de eerste gemeente die aardgas krijgt.

Mervrouw van Raayen in Woudenberg kijkt toe als de aardgasmonteurs van Gascon haar fornuis ombouwen, UN januari 1965
De huisvrouwen in Woudenberg zijn best tevereden over de overgang op aardgas, UN januari 1965

Gascon stippelt een werkroute uit in Utrecht. De stad wordt verdeeld in 52 ombouwsectoren. Elke sector beslaat zo’n 1000 aansluitingen die per week kunnen worden omgezet. Er wordt gestart in Overvecht en met Hoograven in december 1966  is de overgang op aardgas in Utrecht compleet.

Utrecht is verdeeld in 52 sectoren ( en niet 50 zoals in de krant staat) en per wijk zullen de gasstoestellen worden omgebouwd. Overvecht (pijl 1) zal in 1965 als eerste aardgas krijgen. Oog in Al valt onder de 4-e route in 1966. Utrechts Nieuwsblad 27 mei 1964

Als eerste stap verzamelen enquêteurs van Gascon alle informatie over de gastoestellen, zoals fornuizen geisers en kachels, die in de woningen worden gebruikt. Deze gegevens worden op ponskaarten gezet en door de computer verwerkt. Welke toestellen zijn er in gebruik, welke kunnen worden omgebouwd en welke niet. De gemeente bepaalt aan de hand daarvan welke gasapparaten niet meer voor ombouw in aanmerking komen. Vooral oudere modellen zijn moeilijk of niet om te bouwen. De gemeente zorgt dan voor een aanbod van vervangend materiaal die met korting kan worden aangeschaft.  Daarna begint de eigenlijke ombouw en trekt Gascon de wijken in met geschikt gereedschap.

Voorlichtingsbijeenkomst voor huisvrouwen

Want het fornuis is van de vrouw

In september 1964 wordt er een grote voorlichtingsbijeenkomst georganiseerd door de Nederlandse Vereniging van Huisvrouwen in samenwerking met de GEVU in het Erasmushuis aan de Oudegracht. De voorlichting is gericht op huisvrouwen. Want het fornuis is iets van de vrouw. Er komen zoveel deelneemsters op af dat de organisatie stoelen te kort komt.  Wat is aardgas? Waarom schakelen we over? Waarom moeten gastoestellen worden omgebouwd? Omdat vooroorlogse modellen lastiger zijn om te bouwen, wordt in die gevallen een nieuw fornuis of ander gastoestel geadviseerd. Deze zijn met korting aan te schaffen.

Utrechts Nieuwsblad 23 september 1964

Ook in de vrouwenbladen wordt regelmatig aandacht besteed aan de keuze kolen, olie of het nieuwe aardgas en staan er advertenties voor gastoestellen in die zich richten op ‘de huisvrouw’.

Advertentie van Erres gasfornuizen. De nieuwe vlam. Katholieke Illustratie 1966

Op de ‘Damesbeurs’ (de voorloper van de Huishoudbeurs) in de Houtrusthallen in Den Haag in 1966 is aardgas een belangrijk thema. De Beurs over modern wonen en leven is gezellig voor de vrouw en interessant voor de man, aldus het affiche.

Affiche Damesbeurs 1966. Het Geheugen.
De Aardgaskrant

In 1965 wordt in Utrecht huis aan huis de Aardgaskrant (150.000 exemplaren) verspreid voor meer toelichting en informatie. Hierbij de voorkant van de Aardgaskrant uit Haarlem:

In de krant is aandacht voor: ‘hoe ontstaat aardgas?’  ‘hoe wordt het aardgasnet aangelegd?’  ‘is ombouw van apparatuur noodzakelijk?  ’wat wordt de prijs van het aardgas?’. Er is wel een landelijke richtprijs maar daar kunnen gemeentes van afwijken. In de dagbladen verschijnen veel advertenties met aardgashaarden waarin bijvoorbeeld wordt gesproken over ‘aardgasgezinnen’ met de kans op 1 jaar gratis aardgas.

Het aardgas bereikt Utrecht op 5 juli 1965
Utrechts Nieuwsblad 5 juli 1965
Prinses Beatrix botst op Gascon auto

Op 3 november 1965 komen Gascon medewerkers even op een andere manier in de krant. Een busje met zes Gascon monteurs op weg naar huis komt in aanrijding met Prinses Beatrix. Prinses Beatrix was in haar Volvo op weg van Utrecht naar Kasteel Drakesteyn en botst op haar voorganger, de auto met de Gascon medewerkers, die opeens moest remmen. Er vallen geen gewonden. Gascon medewerker Reinhard Visch die achter het stuur zat: De Prinses gedroeg zich buitengewoon vriendelijk en symphatiek.

Parool 3 november 1965
Het aardgas komt naar Oog in Al en Halve Maan, juni 1966
De 4-e en tevens laatste ombouwroute van Lombok, via Oog in Al en Halve Maan, naar Kanaleneiland en Hooggraven (december 1966). Utrechts Nieuwsblad 27 mei 1964
De GEVU voorlichtingsbus

In januari en februari 1966 komt er tijdelijk een mobiele post in Oog in Al te staan als vooruitgeschoven post van het aardgasfront. Het betreft een oranje omgebouwde bus van de GEVU. Hier is meer informatie te vinden over de komst van het aardgas en de ombouw van bestaande gasapparaten. Er liggen veel folders en er zijn ook enkele gastoestellen in de bus aanwezig om te bekijken. Hier kun je ook terecht als je oude toestellen wilt inruilen voor nieuwe ‘met korting’. De inruilperiode in Oog in Al sluit op 6 maart, die in Halve Maan op 13 maart.

De mobiele post in de oranje GEVU bus met Aardgasinformatie staat hier als eerste geparkeerd aan de Maria Theresiadreef in Overvecht. UN maart 1965.
Enquêteurs

De eerste twee weken van april 1966 trekken de enquêteurs van Gascon in blauwe auto’s de wijk in om huis aan huis te kijken welke gastoestellen er in gebruik zijn, welke kunnen worden omgebouwd voor aardgas en welke te oud zijn daarvoor. Na Oog in Al is van 7 tot 22 april Halve Maan aan de beurt.

Affakkelen

Elke maandag op dinsdag is het D-day in het vakjargon van Gascon. In die nacht wordt een bepaalde buurt overgeschakeld op aardgas. Gascon: D- Day in de zin van een vreedzame bevrijding van de Nederlandse burger van het dure stadsgas. De restanten stadsgas uit de leidingen worden verbrand. Zo verdwijnt het laatste stadsgas uit de leidingen. Affakkelen heet dat. De dag erna gaan de ombouwers aan het werk.

Affakkelen van het laatste stadsgas in Tuindorp, UN juli 1965
Ombouwploegen aan het werk

In juni 1966 is het zover! De ombouw van alle gastoestellen vindt voor Oog in Al plaats in de periode van 21 tot 29 juni en daarna aansluitend van 29 juni tot 15 juli in Halve Maan. Bewoners moeten daarvoor thuis zijn ‘en ga ook niet even snel boodschappen doen’. Gascon komt met een hele karavaan de wijk in. Een commandowagen (kantoor van de bedrijfsleider) koeriersauto’s, onderhoudswagens, gereedschapwagens een toilet- en een schaftwagen. Elders in de stad is er een mobiele werkplaats in een grote tent ingericht. Een geluidswagen rijdt door de straten op de dag van de ombouw om de buurtbewoners te herinneren aan de ombouw. Meteropnemers gaan op pad om in de wijk in elke woning het gas af te sluiten en de meterstand op te nemen.

Bericht van het GEVU over de Ombouwperiode in Oog in Al en Halve Maan, UN 1966

De monteurs van Gascon zijn herkenbaar aan grijsblauwe overalls met het Gascon embleem. Ze hebben volledig gedetailleerde werkopdrachten bij zich en het grote ombouwhandboek. Ze  weten precies (door het voorwerk van de enquêteurs) wat er aan welk gasapparaat moet gebeuren en ze hebben de juiste materialen bij zich. De ombouwsets per toestel en per woning liggen al klaar. Deze zijn al eerder huis aan huis bezorgd. De meeste ombouwwerkzaamheden gebeuren aan huis. Moeilijke gevallen gaan naar de mobiele werkplaats (in een tent). Op dezelfde avond van de ombouw kan ‘de huisvrouw’ ‘s avonds gewoon weer koken. Het gaat steeds om circa 1000 á 1500 aansluitingen per sector. Voor de moeilijke ombouwgevallen die niet in één dag lukken is er een kooktoestel te leen. De ombouw wordt betaald door de gemeente en is gratis. Maar de aankoop, het plaatsen en aansluiten van nieuwe toestellen (met inruilkorting)  komt voor rekening van de bewoners.

Afgedankte oude (stads)gastoestellen, 1966. Nationaal Archief.
Koken op aardgas
Algemeen Dagblad 7 januari 1965.

De Nederlandse huisvrouw houdt van sudderen.

De eerste dagen na de ombouw brandt er nog wel eens wat aan. Of de melk kookt over. Koken op aardgas is anders dan koken op stadsgas, het gaat sneller. Aardgas brandt twee keer zo sterk. En vooral bij de omgebouwde apparaten komt het voor dat de kleinste vlam toch nog te hoog is. Het Vrije Volk in 1967:  De Nederlandse huisvrouw houdt van sudderen. Daarin verschilt zij met huisvrouwen in andere landen. Maar het sudderen op de normale gasvlam is een onmogelijke zaak. Uitkomst biedt een mooi nieuw product dat op de markt wordt gebracht: het sudderplaatje.

Algemeen Dagblad 7 januari 1965

In Arnhem besluit het energiebedrijf alle 36.000 huisvrouwen een sudderplaatje cadeau te doen. Utrecht volgt dit voorbeeld. Albert Heijn Utrecht neemt het sudderplaatje op in het assortiment.

Reclame Albert Heijn Kanaleneiland : Aanbieding sudderplaatje voor f 1.45, UN augustus 1966

Advertenties die suggereren dat er voor het koken op aardgas speciale pannen met een ’aardgasbodem’ nodig zouden zijn worden door Consumenten Contact weersproken. Er zijn geen speciale pannen nodig. Als ze maar een goede vlakke bodem hebben.

Vrije Volk 11 januari 1965

Verder moet ‘de huisvrouw’ er even aan wennen dat de aardgasvlam iets meer geruis geeft.

Voorlopig blijft de verwarming nog bestaan uit losstaande kachels op aardgas. Over centrale verwarming door het hele huis beschikt begin jaren zeventig slechts zo’n dertig procent van de Nederlandse huishoudens. De kolenkit gaat vaak dienst doen als paraplubak.

Reclame voor Pelgrim aardgastoestellen. Het Geheugen.
Lekkages

Bij de overgang op aardgas komt het nog weleens voor dat de oude stadsgasleidingen lekken. De oude leidingen blijken dan niet voldoende aangepast. Het stadsgas was vochtig, laagcalorisch en werd daarom onder lage druk getransporteerd. Aardgas daarentegen is droog, hoogcalorisch en moet onder hoge druk getransporteerd worden. Tegen zoveel druk zijn de koppelingen in de oude buizen onder de grond, veelal gedicht met hennepvezel, niet altijd bestand. Daarom kunnen ze gaan lekken. Gevaarlijk is dat niet, wel gaan bomen hangen of verliezen hun blad. In Oog in Al wordt er in oktober 1966 een proef gedaan met het vochtig houden van de binnenwanden van de  buizen. Storingen kunnen worden gemeld bij het GEVU telefoonnummer 25552.

Proef in Oog in Al met het vochtig maken van aardgasbuizen, oktober 1966. Foto van de GEVU vochtwagen is gemaakt op de Vleutenseweg. Het Utrechts Archief.
Gashond Kees mag blijven
Utrechts Nieuwsblad december 1964

In Utrecht wordt al sinds 1955 Gashond Kees door het GEVU ingezet om lekkages van het stadsgas op te sporen. Hij leert nu ook de geur die aan het aardgas is toegevoegd te herkennen. Als hij gas ruikt gaat hij blaffen. Tot aan zijn dood in augustus 1965 spoort hij zo samen met zijn baasje Nico Kock van de GEVU  duizenden lekken op.  Gashond Kees wordt begraven op het terrein van de oude gasfabriek aan de Blauwkapelseweg. Een opvolger is niet zo maar gevonden.  Maar in maart 1966 is er een nieuw getrainde herdershond ‘Anja’ die in de sporen van Kees treedt. Eind 1966 heeft gashond Anja al 1200 lekken door het droge aardgas opgespoord.

Utrechts Nieuwsblad januari 1967
Heel Nederland kookt op aardgas

Aan het eind van 1966 is Utrecht over op aardgas. Het Gasbedrijf Centraal Nederland op Lage Weide sluit. In december 1968 wordt in Egmond gevierd dat (bijna) heel Nederland over is. Vlieland is in 1986 de hekkensluiter. Gascon vertrekt met de ombouwkaravaan naar andere steden in Nederland en daarna naar België en Duitsland.

Rotterdams Parool 4 december 1968

Op de plek waar de eerste gemeentelijke gasfabriek stond, het huidige Griftpark, blijkt de grond sterk vervuild. Dit wordt in 1980 ontdekt. In de jaren 90 volgt er een enorme, jarenlange saneringsoperatie. Vanaf 1999 heeft Utrecht er een mooi stadspark bij. Van Gifpark naar Griftpark.

De overstap op aardgas heeft de eerste jaren vooral betrekking op het koken en lokaal verwarmen. Pas in de jaren 70 en 80 wordt het aardgas gebruikt voor centrale verwarming door het hele huis.

Verwarming in alle kamers! Aardgas, nieuwe warmte in huis. Utrechts Nieuwsblad 11 september 1965
Nawoord

Dit verhaal is tot stand gekomen na een vraag van het buurtinitiatief Oog voor Warmte. Zij waren benieuwd naar de geschiedenis van de vorige energietransitie (die naar aardgas) in de wijk. Oog voor Warmte onderzoekt de mogelijkheden voor aardgasvrij en duurzaam wonen in Oog in Al en Halve Maan. Er worden plannen gemaakt voor een buurtwarmtenet op basis van aquathermie, met als bron het Amsterdam-Rijnkanaal. Zie https://oogvoorwarmte.nl/

Bronnen

Foto bovenaan: Huisvrouw in Overvecht kijkt toe bij de ombouw van haar gasfornuis door een Gascon aardgasmonteur. Het Utrechts Archief 1965
Aardgaskrant Gemeentelijk Energiebedrijf Haarlem, 1965. geschiedenislokaal23, Noord-Hollands Archief
Arjan den Boer, Verdwenen fabrieken: Gemeentelijke Gasfabriek aan de Blauwkapelseweg, Duic 26 mei 2023
Chris van der Heijden, Aardgas. Wie wil zoiets niet? Nederlands vorige energietransitie. Groene Amsterdammer, 11 januari 2023
Sven Ringelberg, De Nederlandse Aardgastransitie, lessen voor de energietransitie van de 21ste eeuw,  Utrecht 2021
Delpher kranten en Utrechts Nieuwsblad, jaargangen 1959 t/m 1968

Filmpjes:
Utrecht over op aardgas. Film GEVU Filmverzameling HUA https://hetutrechtsarchief.nl/onderzoek/resultaten/film-en-geluid?mivast=39&mizig=317&miadt=39&miview=ff&milang=nl&misort=last_mod%7Cdesc&mizk_alle=aardgas&micode=5801&minr=37792947
Gashond Kees. Filmverzameling HUA. https://hetutrechtsarchief.nl/onderzoek/resultaten/film-en-geluid?mivast=39&mizig=317&miadt=39&miview=ff&milang=nl&misort=last_mod%7Cdesc&mizk_alle=gashond%20Kees&micode=5801&minr=37792928
Kees de gashond film van het GEVU. Filmverzameling HUA. https://hetutrechtsarchief.nl/onderzoek/resultaten/film-en-geluid?mivast=39&mizig=317&miadt=39&miview=ff&milang=nl&misort=last_mod%7Cdesc&mizk_alle=gashond%20Kees&micode=5801&minr=37793132

Dit vind je vast ook leuk

Een reactie op “Oog in Al stapt over op aardgas”

  • Leuk stuk! Ik kan me die overschakeling op aardgas nog goed herinneren. Er kwam een monteur langs die iets aan het gasstel van mijn moeder veranderde en dat was het. De eerste jaren hadden we nog een kolenkachel, later – ik weet niet keer precies wanneer – schakelden we over op aan (aard)gashaard.

    Reply
  • Weer een gedegen stuk en leuke informatie. Als tachtiger weet ik het nog goed.
    Wanneer ga je alles bundelen als boekje?

    Reply
  • Mijn – onze- overschakeling met koken was al in 1965, we gingen bij Groot Ammers op Gelkenes in een boerderijtje wonen waar we door het GEB Dordrecht voorzien werden van een elektrisch fornuis met een gratis set pannen. Zomaar op het Zuid-Hollandse platteland 😉 De stroomdraden hingen toen nog rustig aan houten palen langs de dijk …

    Reply

Laat een antwoord achter aan Ed. Schulte Reactie annuleren

Uw emailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *